De Niet Lief Collectie: Waar is de strijkplank als je ‘m nodig hebt?

Dit stukje verscheen op 14 september 2007 op nietlief.com. Esther zwengelde het aan met de volgende inleiding:
“Nietliefjes, zouden jullie iets aan je lichaam willen doen, nu of in de toekomst? Indien nee, waarom niet en zoja, waarom wel? En, beste lezer, hoe denkt u over uw lichaam? Wilt u er iets aan veranderen of is het goed zoals het is?”

Opdracht: Botox ja of nee?
Geschreven door: Zezunja

De strijkplank als niet bestaand product in mijn huishouden.
Ooit had ik er wel een, die stond ergens in een hoek te verstoffen, met handtasjes eraan, en dusters. Maar ik ben de plank onderweg al boedelscheidend ergens verloren en ik moet zeggen: de neiging om iets te strijken steekt slechts één keer per jaar de kop op, en die valt best te onderdrukken.
Botox is van hetzelfde laken een pak. Ik weet pas sinds kort wat het precies is en ik weet al sinds lang dat het zonde is om gezichtsuitdrukkingen weg te spuiten. De neiging om zo nu en dan mijn frons glad te strijken, kan ik best onderdrukken.

De strijkplank als schouderophalenswaardig product.
Men vraagt mij wel eens: ‘Maar strijk jij dan niet?’ (met de intonatie van boven naar beneden). Nou nee, ik strijk dus niet. Ik heb nauwelijks kleren die gestreken moeten worden en als er een keer iets is, dan strijk ik op tafel. Who needs een strijkplank?
Mijn uiterlijk is iets waar ik in grote lijnen eveneens mijn schouders over ophaal. Ik streef naar onderhoudsvrij, ik had niet voor niets dreads en nu vlechtjes. Vergelijk het maar met een strijkvrije garderobe. Als je eenmaal washandjes gaat strijken, is het einde zoek. Kijk, als de nood hoog is, piep ik wel anders – zie verder het op tafel strijken. Maar streven naar de ideale kreukelzone, of überhaupt, het ideale uiterlijk: dat heb ik al opgegeven toen ik nog een beugelbekkie en een stomme pestbril had.

De strijkplank als statussymbool.
Het hebben van een strijkplank is misschien niet zo statusverheffend, maar het niet hebben van een strijkplank is wel uitermate statusverlagend. Men schaamt zich plaatsvervangend voor mij en men is waarschijnlijk oprecht bezorgd over mijn voorkomen op officiële (burp) gelegenheden.
En terecht, ik ben een sloddervos. Een gestreken t-shirt is voor mij net zo bizar als een grote cosmetische ingreep. Ik probeer schoon te zijn, en soms ook mooi, en daarmee houdt het wel zo’n beetje op.

De strijkplank als teken van jeugdigheid.
Toen ik jong was, turnde ik veel en gedisciplineerd. Jaren achtereen. Op mijn vijftiende stopte ik met turnen met een lijf als een strijkplank. Ik kon elke spier spannen als een boomstammetje. Vervolgens heb ik vijftien jaar sportloos geteerd op mijn vliegende start als strijkplank. Ik was een gezegend mens, maar ik ben nu in de dertig en ik moet me geen illusies maken. Die strijkplanktijd botox ik niet meer terug.

De strijkplank als rolmodel in een tietloos bestaan.
Er zijn maar weinig turnsters met echt dikke borsten. Bovendien heb ik mijn genen niet mee. Ik wacht al sinds mijn twaalfde op die bos hout voor de deur en het is ongelooflijk, maar waar: ik heb het opgegeven. Ik wacht niet meer. En ik ga ook niet sparen om met allerlei operaties mijn wachttijd alsnog te gelde te maken. Ze kunnen de boom in met hun bos hout.

De strijkplank als uitstervend deel van mezelf.
Mijn turntijd is definitief voorbij. Alle vormpjes waardoor men nog jarenlang dacht dat ik een atletisch type was, zijn langzaam uitgelubberd. Het voordeel is dat je borsten ook groeien als je dikker wordt, het nadeel is dat de strijkplank definitief verleden tijd is. Afscheid nemen van een strijkplank die je niet eens had, ga er maar eens aan staan.

De strijkplank als paradox
En dan maar hopen dat je blijft schouderophalen. In een wereld van bruiloften en begrafenissen, waar een strijkplank noodzakelijk lijkt. Met een zelfbeeld dat plots vier maten groter is. Quote mijn moeder: ‘Jij moet eens van het idee af dat je je hele leven maat 36 zult blijven houden.’ Wat?! En maar schouderophalen. En maar volhouden dat je geen strijkplank hebt, en dat je die ook niet hoeft. En als de nood echt hoog is, gewoon, schouderophalend, wat op tafel strijken. Een spek en boneningreep. Botox als liktatoeage. Ja. Nee. Een beetje. Zoiets.