Wat zou ik schrijven in een stukje waar ik niet over heb nagedacht?

Ik zou schrijven over het jaar dat ik geen dreads meer had. Dit jaar. Op 23 september vorig jaar dre­ad­wiek­te ik defi­ni­tief mijn hoofd en sindsdien is er iets gebeurd met mijn zelfbeeld. En omdat ik er niet over zou nadenken, zou ik geen recente foto plaatsen, want over foto’s op internet moet ik altijd eindeloos nadenken. Men moet namelijk altijd in de illusie verkeren dat ik er goed uitzie en dat valt niet mee, zie verder dat zelfbeeld.

Verder zou ik schrijven over een Vlaams‐Brabantse buikgriep en waar­schijn­lijk zou ik met allemaal ranzige details komen waar u op uw lege maag geen raad mee weet. Maar dat zou u mij moeten vergeven, want ik had er niet over nagedacht.

Natuur­lijk zou ik ook schrijven over de Wii en hoe leuk het is om als bijrijder met zijn tweeën first person shooting‐spelletjes (klik en klik) te doen. Liggend op de bank met een poes op je buik roepen dat‐ie, als‐ie snel weer terug op die ladder was geklommen, met de rocket launcher al die mensen in een keer op de barbecue had kunnen leggen. Schreeu­wend dat‐ie achteruit moet lopen als‐ie schiet.

Ik zou ook schrijven dat het leuk is om geld uit te geven. Dat er een MacBook in het verschiet ligt, en een fijne digitale video­ca­me­ra, waardoor ons werk niet alleen gemak­ke­lij­ker wordt, maar vooral ook veel leuker. En ik zou dan nog een keer het woord inves­te­ring laten vallen, omdat dat zo volwassen klinkt.

Ik denk dat ik zou schrijven dat mijn weblog dezer dagen een juk is. En dat ik overwoog om twee weken vrijaf te nemen. Dan zou ik hier zetten: jongens, ik ben er effe twee weekjes niet. Wat dan a. niet waar zou zijn, want ik ben er wel, en wat b. zou leiden tot een stukje, want ik ken mezelf: zodra ik afstand neem, wil ik schrijven. Ik ben namelijk de paradox in persona. Bovendien valt een en ander ook op te lossen door stukjes te schrijven waarover niet is nagedacht.

Daarna zou ik waar­schijn­lijk schrijven dat stukjes waarover ik niet heb nagedacht als twee druppels water lijken op Alle­gaar­tjes. Waardoor ik de indruk zou wekken dat er eigenlijk een heleboel stukjes zijn waarover ik niet heb nagedacht. Wat natuur­lijk niet waar is. Ben je gek.

En als ik dan nog energie zou hebben, zou ik schrijven over televisieprogramma’s, want televisieprogramma’s zijn een bron van schrijf­ver­maak, hoewel ik, tenzij in weer andere Alle­gaar­tjes, eigenlijk zelden over televisie schrijf. Een gemiste kans zou ik zeggen, want ik heb over elk tv‐programma dat ik zie wel een mening of twee. In dit geval zou ik iets zeggen over de man die maan­dag­avond bij Pauw en Witteman zat, Daniel Tammet, die behalve briljant en lijder aan het syndroom van Asperger ook syn­estheet is. En dat ik dat laatste met hem gemeen heb. Hij zei dat Jeroen Pauw het getal 81 was. Voor mij is Jeroen Pauw 34. Omdat 34 licht­groen met rood is en 81 is don­ker­blauw met zwart, dat past niet bij Jeroen.

Ver­vol­gens zou ik dan eigenlijk een stukje willen schrijven waarover ik wel heb nagedacht. Over syn­es­the­sie. En over wat dat is en waarom de noot c als klank een andere kleur en structuur heeft dan in noten­schrift. De c op schrift is wittig. In klank is‐ie don­ker­geel. Waardoor ik enorme moeite zou krijgen om nog door te schrijven zonder na te denken, want syn­es­the­sie is iets dat me altijd aanzet tot denken. En dan zou ik dus met grof geweld moeten proberen niet na te denken. En dan – hè gelukkig – zou ik weer gewoon iets opschrij­ven.

Namelijk dat Tichelaar, de frac­tie­voor­zit­ter van de PvdA geen tv‐appeal heeft en vaak een beetje onecht overkomt. En dat minister Plasterk veel beter dan hij kan uitleggen waarom dat refe­ren­dum zinloos is. Terwijl toen Tichelaar aan het woord was, de man die de beslis­sing tegen een refe­ren­dum eigenlijk moest ver­de­di­gen, ik ineens de bar­ri­ca­des op wilde vóór een refe­ren­dum. Terwijl ik tegen ben!

Ik zou nog even door­as­so­cie­ren en op de proppen komen met De Vrije Geer, weet u het nog Amster­dam­mers? Dat was het weilandje waarover wij tijdens het refe­ren­dum over de autoluwe bin­nen­stad ook nog even mochten stemmen. Wat ertoe leidde dat mensen zoals ik, die voor­na­me­lijk in de Pijp en de Water­graaf­smeer vertoeven, mochten bepalen of dat veldje in West waar niemand van ons ooit van had gehoord, moest blijven of mocht worden geofferd voor woning­bouw. En omdat het zo idyllisch klonk, een veldje, hebben wij, mensen met een dak boven ons hoofd, natuur­lijk massaal gestemd tegen woning­bouw. Om de volgende dag weer steen en been te klagen over de woning­nood en de daarmee samen­han­gen­de woe­ker­prij­zen op de hui­zen­markt.
En dan zou ik nogmaals roepen hoezeer ik tegen de meeste referenda ben.

En omdat ik niet zou nadenken, zou ik boempats beginnen over mijn sloffen die, als ik ze op mijn hoofd zou zetten, een smurf van mij zouden maken. Maar dan zou ik gelijk denken: dat begrijpt niemand zonder foto en dan zou ik weer opnieuw kunnen beginnen over foto’s op internet, maar dat zou ik ver­moe­de­lijk niet doen. Ik zou denk ik beginnen over dat ik mezelf niet kan verkopen. En dan zou ik gelijk denken dat ik nodig eens een stukje moet schrijven met als kop ‘Wie wil mij verkopen?’. Maar dat zou dan een stukje moeten zijn waarover ik wél heb nagedacht, want jezelf verkopen is het belang­rijk­ste dat er is.

Ver­vol­gens zou ik nog reppen over Dwarzand (klik en klik) en hoe stoer hij wel niet is met zijn optreden laatst op het White Nights Festival in Sint Peters­burg en op de Uitmarkt en met zijn act op Robodock en hoe graag ik daar allemaal naartoe wilde, maar niet kon. En over Luna die mij een ploe­sie­poe­siedin­ges­gro­te­ën­vel­op­waar­voor­de­post­bo­de­zelf­smoestaan­bel­len
stuurde die ik tijdens het schrijven van dit stukje ontving, zonder dat ik wist waar ik dat aan te danken had. Ik zou schrijven dat ik daardoor twintig minuten kippenvel had. En dat zou dan een mooi moment zijn om op te houden met schrijven en vast te stellen dat het een veel te lang stukje is geworden.

Maar ik zou het niet weggooien.

14 reacties

  1. Ik heb het wel met kleuren en nummers… zo is 2 over­dui­de­lijk geel… en 3 is groen… 5 is blauw… en tijdens een paddotrip kon ik kleuren ruiken, ook een zeer bij­zon­de­re ervaring!

  2. J

    ik zou wel meer van dit willen lezen, maar dat zou ik niet zeggen omdat ik niet de schijn van gedweep zou willen opwekken.

    hebben syn­es­the­ten dan altijd gekleurde meningen? ;)

  3. @ Er win: Dank je wel. Dat is lief. Ik mis ze ook.

    @ Luna: Ja, twee is geel! Maar 3 is bij mij rood­oran­je en 5 is don­ker­bruin. Kleuren ruiken is ook een soort syn­es­the­sie trouwens. Dat heb ik niet.

    @ Mis: Merci! En ik wil niet veel zeggen, maar stand­pun­ten hebben bij mij inderdaad ook een kleur…

  4. Voor een stukje waarover je niet hebt nagedacht is dit erg ‘mooi’. Hoe het leest, wat er in staat. Ik zou ook ‘inte­res­sant’ kunnen schrijven, wat hoogst­waar­schijn­lijk ook waar zou zijn. Of ‘geva­ri­eerd’, ‘gedi­ver­si­fi­eerd’ enz.
    Ik houd het bij ‘mooi’. Dat is zo’n woord zonder franje.

    mmm, toeval, grappig, of wat anders… ik schreef gisteren over een kleine syn­es­the­ti­sche ervaring die ik had. Helaas (ja, ik vind dat helaas) komen deze erva­rin­gen bij mij slechts spo­ra­disch voor. Geluid en visus…muziek wordt een beeld enz.
    Jezelf verkopen… Op mijn blog prijkt al even een sol­li­ci­ta­tie­brief. Ik denk dat ik het niet goed heb aangepakt.
    Je hebt gelijk: om jezelf te verkopen moet je het goed aanpakken…

  5. Ik hou wel van dat geraaskal over alles en niets. Wordt daar zelf altijd een beetje creatief en maf van. Fijne combi.

    Voor nu wel­trus­ten maar. Of schrijf ze, aangezien er vast weer iets aan zit te komen gezien je neiging tot afstand ;-) .

  6. O.

    Ik vind de kreet “ranzige deatils” al ranzig genoeg. Ik vind ook meteen dat deatils als bruikbare variant in het woor­den­boek moet. Het klinkt namelijk ook echt heel vies. Nog even een goede betekenis cheffen en klaar is Pietje/Sjakie/Harry.

  7. Hallo Allemaal
    Ik ben geen fan van jan smit hoor
    maar mijn zus wel
    wie is er naar pira­ten­fes­tijn geweest
    ik wel mijn zus was heel blij
    toen ze jan smit zag
    want hij was zijn stem kwijt
    ik vind het heel leuk voor haar maar ik ben wel boos op haar op dit moment!!!!

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.