De con­trol­freak en de ver­ras­sing – en hoe dat altijd een beetje wringt

‘Vrij­dag­avond, de dag na je ver­jaar­dag, moet je vrij­hou­den.’
‘Waarom?’, vraag ik.
‘Dat zeg ik niet, dat is een ver­ras­sing.’
‘Oh, spannend’, zeg ik.
(De con­trol­freak in mij zet zich schrap. Ver­ras­sing. Witte vlek. Overgave. Brrr.)

‘Je moet er mooi uitzien, vrij­dag­avond.’
‘Mooi? Wat is mooi? Mooi is afhan­ke­lijk van waar we naartoe gaan.’ Ik kijk hem indrin­gend aan.
‘Maar liefje, jij ziet er altijd mooi uit. Maak je geen zorgen.’
(De con­trol­freak in mij maakt zich wél zorgen. Daarvoor is het een con­trol­freak. Mooi is tijdens een etentje anders dan tijdens een dropping. En als mijn con­trol­freak bui­ten­spel staat, wint comfort het altijd van mooi. Een ijskoud concert van John Zorn in minirok of een flinke avond­wan­de­ling met speur­tocht op enkel­laars­jes van 11 cen­ti­me­ter hoog: dat risico neemt de con­trol­freak in mij niet meer. In mijn lange onder­broek en op mijn gym­schoe­nen win ik de oorlog.)

‘We worden om negen uur opgehaald vrijdag.’
‘Opgehaald?’, vraag ik.
‘Ja, opgehaald.’
‘Okee’, zeg ik.
(Okee? Okee? Helemaal niet okee, denkt de con­trol­freak in mij. Opgehaald? Door wie? Zijn het leuke mensen? Moet ik er zenuw­ach­tig van worden? Voor de zekerheid wordt de con­trol­freak in mij er maar zenuw­ach­tig van. Je weet nooit.)

‘Ga maar wél met de ex‐buurvrouw naar het boek­fes­tijn.’
‘Maar wij zouden vrijdag samen mijn ver­jaar­dag vieren’, werp ik tegen.
‘Ja, maar ik kan ver­ras­sings­ge­wijs wel wat voor­be­rei­dings­tijd gebruiken.’
‘O… Okee’, stamel ik.
(De con­trol­freak in mij voelt nat­tig­heid. Hier klopt iets niet. Voor­be­rei­den voor iets waarvoor we worden opgehaald? Zouden we dan toch niet worden opgehaald? Een feestje misschien? Thuis? Of buiten de deur? Met wie dan?)

‘Moet ik hoge hakken aan?’, vraag ik.
Hij ziet mijn vieze gezicht. ‘Nee, dat hoeft niet. Het mag ook casual mooi zijn.’
Ik probeer zijn blik te door­gron­den.
(Dus toch geen feestje, denkt de con­trol­freak in mij. Als hij mij richting platte schoenen probeert te praten, dan zullen we wel iets heel actiefs gaan doen. In het donker, met kou en regen. De con­trol­freak in mij huivert.)

‘Yuri heeft een ver­jaar­dags­ver­ras­sing voor mij’, zeg ik.
‘Wanneer? Gisteren? Op uw ver­jaar­dag?’, vraagt ex‐buurvrouw.
‘Nee, nee, vanavond.’
‘Da’s keileuk!’
(De con­trol­freak in mij legt haar reactie onder de loep: authen­tiek. Dus geen feestje, want ex‐buurvrouw weet van niks. Zou het een voor­stel­ling zijn? In Brussel? En dat we daarom door iemand worden opgepikt? Iemand met een auto?)

‘Het is al kwart over negen’, zeg ik.
‘Ik bel wel even.’ Hij loopt naar de gang.
‘En?’, vraag ik als hij terugkomt.
‘Alles komt goed, alles komt goed.’ Hij lacht.
(De con­trol­freak in mij ana­ly­seert: de meeste concerten zijn al begonnen, the­a­ter­voor­stel­lin­gen ook, de film…, ah, de film begint nog laat. De con­trol­freak in mij neigt naar een tri­om­fan­te­lij­ke lach.)

‘De bel gaat. Doe jij maar open.’
Ik verwacht een auto met draaiende motor, maar er staan vier mensen.
Vier mensen die ik ken, maar die elkaar niet kennen. Moeten die allemaal in één auto?
(De con­trol­freak in mij snapt er niets meer van, krijgt geen grip op de situatie. Moet zich verloren gewonnen geven. Moet gewoon maar afwachten wat er gaat gebeuren.)

Ik sta in de deur­ope­ning en kijk de straat in. Geen auto te bekennen.
‘Hallo allemaal’, zeg ik, terwijl ik mijn ver­war­ring over het ontbreken van een auto probeer te verbergen.
‘Gelukkige ver­jaar­dag’, kraait het viertal, terwijl ze hun fiets vast­zet­ten.
Ik wil net vragen of we ‘gelijk weggaan’ als ik me realiseer dat we misschien wel helemaal niet weggaan. Over mijn schouder kijk ik de donkere gang in, in de hoop dat Yuri me komt redden. Geen Yuri te zien.
De vier maken aan­stal­ten om het huis te naderen en plots besef ik dat ik niet moet wachten op hun ini­ti­a­tief.
‘Uh, zal ik jullie maar bin­nen­vra­gen dan?’
(De con­trol­freak in mij draait overuren. What the fuck? Een feestje bij ons thuis? Maar het huis is echt helemáál niet opgeruimd! Is de wc wel schoon? Er staan drie fietsen in de gang! Volgens mij ligt er een string van mij op de trap! We hebben geen cola, alleen maar Duvels! Wah! De con­trol­freak voelt zich vreselijk gepas­seerd.)

Yuri haalt allerlei verstopte ver­sna­pe­rin­gen uit de tuin, en een bak met zelf­ge­maak­te sangria. Men geeft mij cadeau­tjes, men snapt mijn onhandige small talk, men wenst mij veel geluk. Men blijft tot drie uur ‘s nachts en als ik naar bed ga, geef ik Yuri een dikke kus.
(De con­trol­freak in mij is gevloerd. Ik zeg onhandige dingen, ik zie er anders uit dan in tijden van volledige controle, het huis heeft mijn grondige feest­voor­be­rei­ding niet gehad en toch is alles leuk. Hoeveel meer zou een con­trol­freak nodig hebben om deemoedig het hoofd te buigen en de aftocht te blazen? Nou?)

16 reacties

  1. Con­trol­freaks kennende zal dit nooit overgaan. En dat is niet erg, want zoals je ziet: je verwacht het ergste, waardoor het alleen maar weer mee kan vallen :-) En nog van harte!

  2. Ik ga je even nog feli­ci­te­ren maar dan wel hier en niet onder je logje met als titel ‘34’. Want daar heb je nu precies ook 34 reacties en dan zou het zonde zijn om er nu 35 van te maken. Anyway, nog gefe­li­ci­teerd meid, dat het een mooi en gelukkig jaar mag worden. Hoera. En veel geluk natuur­lijk met veel mooie ver­ras­sin­gen:)

  3. Ah dat was het! Ik was het al vergeten te vragen. Wat een leuke ver­ras­sing!
    En soms moeten con­trol­freaks de controle laten varen om ergens echt van te kunnen genieten.

  4. Hey! Even helemaal off‐topic, maar ik zag jou vanmiddag rond lunchtijd (1 uur) bij de uitgang van het park! Ik dacht een hele tijd, ik ken dat gezicht…en toen ineens KABAM ‘het was dat blogmeis­je’
    Raar dat blogmen­sen ook in het echt blijken te bestaan. Niet dat ik daar niet in geloof…maar gewoon, apart.

  5. @ Roosje: Yup, ik weet niet of iemand ‘m als zodanig herkend had.

    @ Octavie: Ik vond het leuk dat je daar rekening mee hield, maar Irene heeft het alsnog ‘verpest’. ;) Domme domme Irene…

    @ Marina: Of het net zo leuk is, daar ben ik nog niet helemaal uit.

    @ Oker: Haha, het blogmeis­je. Maar inderdaad, ik liep daar. En ik was dus heel moe, dus normaal zie ik er veel kwieker en viefer uit hoor. Wel gemeen dat ik nu niet weet hoe jij eruit ziet. Waar was jij? Had ik je kunnen zien?

  6. Achja, ik liep daar puffend en zwetend met een fiets in de hand naast een jongen in een elek­trisch karretje dat veel te hard ging, en die ik moest bege­lei­den. Ik was dus zelf niet bepaald in top­con­di­tie. Het was precies bij de park­uit­gang richting ladeu­ze­plein, maar je keek wel een beetje afwezig ja. Als ik je nog eens zie zal ik zwaaien, die kans is vrij groot in een stadsdorp als leuven.

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.