Een typisch geval van de weeromstuit

Ik moet meedoen aan een wedstrijd, ik moet naar de tandarts, ik moet een klein lampje met een grote fitting kopen. Ik moet een persbericht schrijven, ik moet een wanbetaler nabellen, ik moet de witte was weer eens doen. Ik moet naar de huisarts gaan, de slaapkamer opruimen en blauwe nagellak voor mijn tenen kopen. Ik moet mailtjes beantwoorden, ik moet een pasfoto maken, ik moet een aangetekende brief aan Telenet schrijven. Ik moet opdrachten zoeken, ik moet Fortis en Argenta bellen, ik moet mijn Unzio-lidmaatschap beter benutten. Ik moet contacten leggen met nieuwe werkgevers, ik moet meer stukjes op mijn weblog schrijven, ik moet minder verjaardagen vergeten. Ik moet de logeerkamer opruimen, het tuinmeubilair schilderen, het bureau een likje verf geven en het element van mijn semi-akoestische gitaar laten maken. Ik moet stoppen met roken, ik moet een handgeschreven brief aan een oud-collega schrijven, en Neil uit Nieuw-Zeeland nodig mailen. Ik moet weer eens naar Amsterdam, ik moet dat plekje op mijn wang laten onderzoeken, ik moet meer aan sport gaan doen. Ik moet de website afmaken, een betaalconflict oplossen, het nieuws goed volgen. Ik moet de uitslag van een andere wedstrijd bijwonen, ons autodeelcontract regelen en onthouden wie er allemaal een hart onder de riem nodig hebben. Ik moet een cursus ontwikkelen, mijn prijs verhogen, mijn gebit redden van de ondergang. Ik moet nog goedkoper leven, mijn verjaardag vieren en zorgen dat ik mijn zwarte sjaal terugkrijg. Ik moet een live-interview voor publiek voorbereiden, plannen indienen bij verschillende mensen, en groene zakken kopen. Ik moet mijn rijbewijs halen, helemaal blind leren typen en Tirza van Arnon Grunberg uitlezen. Ik moet vaker zingen, een fietsslot kopen en een fictieverhaal met een deadline verzinnen. Ik moet mijn iTunes ordenen, de inloopkast opruimen en zorgen dat ze bij Wisper mijn zalmsla weggooien. Ik moet iemand een column bezorgen, een afspraak maken met mijn schoonzus en meer De Een en De Ander’s tekenen. Ik moet een foto doorsturen van een Ploesiepoesie, het laatste deel van Harry Potter lezen en zorgen dat mijn cursus in Antwerpen volkomt. Ik moet mijn dreadlocks in goede banen leiden, de film Control nog eens zien en een nieuwe internetprovider kiezen. Ik moet sparen voor mijn sociale bijdrage, voor een nieuwe iMac voor mijn compagnon en voor een broodnodige vakantie. Ik moet nieuwe ideeën voor mijn websites verzinnen, mijn familie niet verwaarlozen en op tijd mijn medicijnen toedienen. Ik moet de uitgelopen aardappelen weggooien, het logeerbed afhalen en het gaatje in het luchtbed dichten. Ik moet bijna al mijn contacten beter onderhouden, mijn verkering vieren en doorgaan met 365 days. Ik moet prioriteiten stellen, mijn dwarsfluit schoonmaken en mijn bureau opruimen. Ik moet Little White T-shirt afmixen, de zwangeren in de gaten houden, mijn portfolio vervolmaken. Ik moet de synthesizer onder de knie krijgen, de ramen lappen, de eerste bollen in de grond doen. Ik moet weblogs volgen, attent blijven en onderhandelen over prijzen en onkosten. Ik moet een pepermolen kopen, en insteekhoezen en een nieuwe fiets.
Van de weeromstuit doe ik vandaag helemaal niets.