/ september 9, 2008/ Columns/ 3 comments

De Eenzame Planeet van Onmin: Zeden en gewoonten

Het is te gemak­ke­lijk om nu over tand­pas­ta­dop­jes te beginnen, maar op de Eenzame Planeet van Onmin staan tand­pas­ta­dop­jes nu eenmaal model voor alles waarop een mens zijn frus­tra­tie kan pro­jec­te­ren.

In het klassieke verhaal spiegelen de tand­pas­ta­dop­jes het gevoel van onvrede het beste, bovendien zijn tand­pas­ta­dop­jes grijpbaar en je hebt ze snel weer onder controle. Je kunt je man misschien moeilijk vertellen dat het leven klote is en dat je hem daar het liefste voor ver­ant­woor­de­lijk zou willen stellen, maar je kunt wel roepen ‘Je hebt het tand­pas­ta­dop­je wéér niet op de tube gedaan, nu is a. de tandpasta uit­ge­droogd, zit b. de wasbak vol met vieze witte kringen, is c. het dopje kwijt en d. mijn humeur verpest.

Bij mij thuis is de beste reflector het doekje waarmee je de wc schoon­maakt, (‘Heb je het doekje waarmee je de wc hebt schoon­ge­maakt op het aanrecht gelegd?! Getver, nu zittten er allemaal plee­bac­te­ri­ën op het aanrecht) of de wijze waarop de wc‐rol is opge­han­gen (‘Het papier moet aan de muurkant’, ‘Nietes!’, Welles!’). Over het tand­pas­ta­dop­je hebben wij hoe­ge­naamd geen mening, al was het maar omdat we tubes hebben met onscheid­ba­re dopjes.

Maar soms stel ik me voor dat in onze rela­tie­com­mu­ni­ca­tie geen tand­pas­ta­dop­jes en plee­rol­len voorkomen, dat we onze woede en frus­tra­tie zonder tus­sen­komst van reflec­tie­prul­la­ria zouden moeten uiten. Dat we ons niet druk maken over de wijze waarop iemand het stuk kaas heeft opge­bor­gen, maar dat we altijd gelijk vertellen waar het echt over gaat.

‘Lief, ik had mij het leven heel anders voor­ge­steld. Ik wilde een relatie met iemand die mij op sleeptouw zou nemen, ik wilde een mooie carrière, ik wilde beroemd worden. En kijk waar ik nu zit. Op een arme­tie­ri­ge wc, met de pleerol verkeerd om, en een relatie waarin we beiden uitgeput raken van frus­tra­tie over alles wat het net niet is.’

Nee, dan liever wat ge‐emmer over een bakje tonijn dat onaf­ge­dekt in de koelkast staat (‘Nu smaakt zelfs de witlof naar tonijn!’). Want meestal valt het met dat klo­te­le­ven na een nachtje slapen wel weer mee, maar probeer dan nog maar eens te zeggen dat je misschien toch wel blij bent met de ander. Nee, dan het tand­pas­ta­dop­je. Dat is maar een hobbeltje van 1 x 1 cm. Eentje waar je gemak­ke­lijk overheen stapt.


Zezunja schrijft voor VPRO’s Cafe De Liefde een reisgids in tien delen over het eeu­wen­ou­de ves­ting­stad­je Onmin en schetst het mistige dal waar de liefde op de helling staat. Ze duidt de cultuur, de taal en de mensen in het universum van ruzie, rotzakken en jij‐bakken.
Alle hoofd­stuk­ken in de Eenzame Planeet van Onmin kunt u op VPRO’s Cafe De Liefde vinden.
1. over­nach­tin­gen
2. beziens­waar­dig­he­den
3. eten & drinken
4. officiële papieren
5. wis­sel­koers
6. historie
7. taal (volgt nog)
8. zeden en gewoonten
9. kin­der­ple­zier
10. omgeving
Share this Post

3 Comments

  1. Moooi geschre­ven.

  2. Ik vind het zo leuk hoe je dit aanpakt; lijkt me nog best inge­wik­keld, zo’n reisgids schrijven!

  3. Ik vind je conclusie erg mooi en wijs. Ik zal er (proberen) aan (te) denken bij het volgende akke­fiet­je met mijn eega ;-)

Leave a Comment

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

You may use these HTML tags and attributes: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <s> <strike> <strong>