Stukjes in het wild

Naïef en boek­le­zend (3)

Lees eerst: Naïef en boek­le­zend, dat was het devies
En: Naïef en boek­le­zend (2)

Het moment dat ik naar het hokje mocht, was aan­ge­bro­ken. De agente trok een stel schone latex hand­schoen­tjes aan en wenkte mij. Schoor­voe­tend kwam ik het bruin betegelde hokje binnen. Tot mijn grote opluch­ting trof ik geen werkbank met beugels en een eendebek. Er was slechts een wasbakje en een verloren stoel, waarop de agente plaatsnam. Ik stond een beetje om mij heen te kijken, toen ze zei: ‘Nou begin maar.’ Ze wreef daarbij nog net niet in haar latex hand­schoen­tjes.

Het was duidelijk wat ze bedoelde. ‘Kleed je maar uit.’ In deze wereld van lichaams­ope­nin­gen had ik ver­moe­de­lijk niet voor niets op een vrou­we­lij­ke agent moeten wachten. Ik plofte mijn sjaal op de grond, zag nergens een stoel of iets anders waar ik mijn kleren overheen kon hangen en ik con­sta­teer­de blauw tl‐licht, dus een flatteuze sessie zou het zeker niet worden.

Sjaal, jas, schoenen, trui – tot zover ging het daad­krach­tig. Daarna aarzelde ik. Moest ze niet in al mijn zakken voelen? De agente bleef zitten op haar stoel, ze keek naar haar nagels onder het latex, intussen mompelend over ‘stelt niks voor’ en ‘gauw voorbij’. Buiten ons hokje ging het geroep verder. ‘Die jongen die 2 gram had, had nog 4 gram in zijn sok en 8 gram in zijn bilspleet.’ ‘De jongen die we van­och­tend ook al hadden, bleek 14 gram in zijn onder­broek te hebben’. Ik stond inmiddels in mijn bh.

Toen ik ook die op het hoopje kleren had gegooid, voelde ik me ondanks mijn onder­broek en sokken naakt. De agente vroeg of ik me wilde omdraaien.
‘O nee, je gaat toch niet iets met die latex hand­schoen­tjes doen hè?’, hyper­ven­ti­leer­de ik. Een ding was duidelijk: in geval van angst tutoyeer ik.
De agente lachte. ‘Welnee, die draag ik gewoon, omdat er ook andere mensen dan jij bin­nen­ko­men, die iets minder aandacht voor hygiène hebben.’
‘Moet m’n onder­broek uit?’, piepte ik nog.
‘Ja, die moet naar beneden, ik moet kunnen zien of er iets inzit. En je moet je billen wat uit elkaar doen.’

Slik. De opluch­ting die ik voelde toen ik hoorde dat de latex handjes nergens naar binnen hoefden, was gelijk weer verdwenen. Wat?! Mijn billen uit elkaar?!
Ik deed mijn roze onder­broek­je een stukje naar beneden – jawél, naïef en boek­le­zend – en kreeg x‐benen van angst, toen ik ver­vol­gens op aan­wij­zing van de agente een trage pirouette draaide. Eenmaal met mijn rug naar haar toe, aaide ik twee keer langs mijn billen in de hoop dat het genoeg was. En – o lord! – het was genoeg!
‘Prima’, zei ze.

‘Moet ik mijn sokken nog uitdoen?’, vroeg ik, over­moe­dig door zoveel mee­val­lers.
‘Omdat je het zelf aanbiedt, hoeft het niet. Als je er niet over begonnen was, had je die ook uit moeten doen.’
Dat leek mij een wankele denktrant in een opspo­rings­pro­ces, maar allez, ik vond het allang best. ‘Mag ik me dan…’ ‘Ja. Kleed je maar aan, en meld je daarna nog even bij ons.’ Ze stond op en liet mij alleen achter in het hokje.

Ik voelde me als na een slechte vrij­par­tij met een one­nightstand, die als‐ie is klaar­ge­ko­men gelijk zijn kleren aantrekt en de benen neemt: schuldig, verward, misbruikt. En stoned als ik was, vond ik het ook filmisch. Daar stond ik, blauwbeà¤derd in tl‐licht, met meis­jes­haar en een roze onder­broek­je tussen mijn knieën, ver­wik­keld in een onderzoek naar ver­do­ven­de middelen op het station van Maas­tricht.

Eenmaal aan­ge­kleed, dook ik weer in de meute Waalse jongetjes buiten het hokje. Het was nóg drukker geworden, de chaos was niet te overzien. Talloze Waalse jongetjes en nog een nieuw meisje, stuk voor stuk met samen­ge­kne­pen billen van paniek – en van wat ertussen zat. En in verte mijn joviale douanier, in gesprek met de agente die mij zojuist naakt had gezien. Ik begon ze aardig te vinden.

Dat duurde niet lang. Staand aan een ven­ster­bank vulde ik samen met de joviale douanier nog een aantal for­mu­lie­ren in. Er was vast­ge­steld dat ik 4,76 gram stuff bij me had gehad en dat ik dat in de cof­fee­shop met de naar buiten open­slaan­de deur had aan­ge­schaft. ‘Maar’ zei de douanier’, ‘u krijgt er geen proces verbaal voor als u het nu vrij­wil­lig afstaat’. Klin­gel­de­klin­gel, let the snowbells ring! Ik kan het dus ook nà­ét afstaan! Dat was het eerste wat ik dacht.
Een fees­te­lij­ke gedachte!

‘En wat gebeurt er als ik het niet afsta?’, vroeg ik zó naïef en boek­le­zend mogelijk.
‘Dat kan ook’, zei hij. Ik dacht: Ha!
‘Dan nemen we het in beslag’. Ik dacht: Hmz.
‘En dan moet je minimaal twee­hon­derd euro boete betalen.’
Hmz, goed, ja, dat was duidelijk. Maar het stak. Op het formulier stond dat ik het vrij­wil­lig afstond. Het voelde anders. Ruim dertig euro stuff door de plee. Kut.
Ik tekende, kreeg een klopje op mijn schouder van de joviale douanier. ‘Ga maar gauw , je kunt deze trein nog halen.’
Ik glim­lach­te naïef en boek­le­zend en stapte door de deur naar mijn vrijheid.

Hold that thought tot ‘Naïef en boek­le­zend (4)’, want het verhaal kent nog een paar leuke eind­scè­nes.

16 reacties

  • Alain

    Pff, dat zijn nogal avonturen die je meemaakt op de trein… Al blij dat de hand­schoen niet ten volle gebruikt werd, maar dit lijkt me dan ook al sho­que­rend genoeg.
    Heel fijn geschre­ven trouwens, ik ben benieuwd naar het vierde deel!

  • Mark

    Mooi verhaal, met hele originele en ver­dui­de­lij­ken­de beelden en prachtig oog voor detail.
    “… In deze wereld van lichaams­ope­nin­gen . . .””…ze keek naar haar nagels onder het latex,…” “…Een ding was duidelijk: in geval van angst tutoyeer ik.…”

  • Soes

    Oh mèn, je wacht toch niet te lang hè, met deel 4??
    Ik zou het werkelijk besterven als ik die latex‐handschoentjes zou zien.
    Alhoewel… ik heb een tweeling op de wereld gezet, je wil niet weten hoeveel dokters er bij mij gevoeld hebben of de boel al geopend was. Yuk!

  • Polle

    Ik zat al zó lang, met smart, op dit deel van het ver­volg­ver­haal te wachten dat ik echt juichte toen ik zag dat ik eindelijk verder kon lezen.
    Wat ben ik blij voor je dat die latex hand­schoen­tjes niet deden wat jij en ik dachten dat ze zouden gaan doen.

  • Zezunja

    @ Sana: Levens­echt.

    @ Alain: Merci en u bent op uw wenken bediend. Deze keer wachtte ik niet een half jaar met het volgende deel. ;)

    @ Mark: Dank je wel!

    @ Kaat: Officieel alleen in de cof­fee­shop en nog offi­ci­ë­ler: niet in de trein naar Luik. In het eerste deel wordt dat wel duidelijk.

    @ Soes: Woei, wat een ver­ge­lij­king. ;)

    @ Patrick: En tóch ben ik een meisje met roze onder­broek­jes. Hoe wild is dat?

    @ Lilimoen: Dat had ik ook wel een beetje. ;)

    @ Polle: Zo zie je maar weer, dat al dat gedoe dan toch weer een soort ‘meevaller’ is. Terwijl het natuur­lijk eigenlijk gewoon een dikke vette strop was en ook heel koud, ver­ne­de­rend en eng. maar als je het ergste verwacht, valt het 100 procent mee.

    @ Frommel: Juist.

    @ Oker: Roo­sen­daal is een ver­ge­lijk­ba­re afstand, maar een slechtere aan­slui­ting. Bovendien vind ik het meestal leuk om er een ‘dagje uit’ aan vast te plakken. En ik heb in Roo­sen­daal gewoond, daar wil een mens geen dagje uit. ;)
    Anyway, wat jij zegt, kon ik ook over Maas­tricht zeggen, tot die keer. Eens moet de eerste keer zijn.

  • bie

    Dat is schrikken! Ooit iets ver­ge­lijk­baars mee­ge­maakt op de grens tussen Colombia en Venezuela en toen moest ik hurken om te zien of er niet uitviel…
    Maar dat ze zo streng zijn tussen Nederland en België wist ik niet!

  • Matteo55

    @bie tja strenge controles kun je overal tegekomen, het beste is denk ik je er niet teveel van aan­trek­ken als je een keer wat moet uit­trek­ken :) Ben ook een keer aan de Duitse grens gecon­tro­leerd, die douanier was niet de enige kerel die ooit mijn piemel gezien heeft dus niet te druk over maken denk ik maar

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.