[wijvenweek] De mannen in mijn leven

Dit was eigenlijk het onderwerp van woensdag. Vergeef mij mijn dwarsliggen, het leven liep wat vertraging op. Ik buig mij alsnog over het fenomeen man aan de hand van de mannen in mijn leven.

Mijn vader
Het was begin jaren tachtig en op de tv-reclame zag ik bruingebrande Hemabreiboekmannen die wild dollend met een fotogenieke hond een of ander product aanprezen Dat waren mannen, dat waren vaders.
Mijn vader was een bedachtzame, ietwat stijve man, voor de oorlog geboren en zeker tien jaar ouder dan de vaders van vriendinnetjes. In niets een Hemabreiboekman.
Het is nu 2008 en in al die jaren kwam ik maar zelden iemand tegen die net als ik een rots als vader heeft. Een rots waarvan je exact weet wat je er aan hebt, een jonge geest in een lichaam dat evenmin verraadt hoe oud hij is. Een bedachtzaam, uiterst intelligent baken in de nacht. Iemand die niet zuipt, niet buiten de deur vrijt, niet knettergek is, niet moeilijk in de omgang, maar iemand die er is. Verstandig, grappig en: altijd. Dat zijn mannen, dat zijn vaders.

Mijn eerste vriendje
Ik was zes en hij ook. Op de speelplaats vroeg ik verkering. Hij zei ja en toen was het beklonken. Hij had de mooiste ogen die ik ooit had gezien en hij duwde me bijna nooit. Samen speelden we in de zandbak en ik leerde hem koppeltje duikelen. Als er nog maar één paar stelten was, dan gaf hij dat aan mij. Ik weet niet meer zeker of we het uitmaakten of dat het doodbloedde, maar zijn Hyves-profiel is alleen zichtbaar voor vrienden en kennelijk hoor ik daar dertig jaar later niet meer bij.

Mijn eerste samenwoonman
Het was 1989, want ik was vijftien. We hadden geklaverjast met een fles wijn en hij bracht me naar beneden. Hij wilde me zoenen, maar zo had ík het helaas nog nooit bekeken. Uit alle macht probeerde ik zijn getuite lippen te ontwijken, wat in dat krappe trappenhuis op de Albert Cuyp onbegonnen werk was. Hij zoende raak en een half jaar later woonden we samen.
We waren dikke vriendjes, en we kalverden dat het een lieve lust was. Dat hielden we vol tot ik bijna achttien was. Toen vertrok ik van de ene op de andere dag met 27 plastic tasjes en geen spijt. Hij woont nu in Finland, ik in België, en na twintig jaar hebben we nog steeds elkaars e-mailadres.

Mijn eerste echtgenoot
Met hem reisde ik, werkte ik, zocht ik het goede leven en leefde ik erop los. Hij was genereus, charmant, grappig en emotioneel. Hij was, zoals alle mannen in mijn omgeving, geen macho. De man met wie ik trouwde leerde mij te leven en ik leerde dat aan hem. En hoewel weer eens werd bewezen dat niets voor de eeuwigheid is, leerde ik ook dat scheiden van een mooi mens niet synoniem is aan een mislukt huwelijk. De man was gelukt, het huwelijk ook. Nu is het voorbij.

Mijn eerste baas
Dat was de eerste bullebak die dicht bij mij kwam. Qua man was het er eentje van het afstotelijkste soort: een hummer, geen humor en het empathisch vermogen van een eencellige. Ik was hulpkok, hij was kok, samen stonden we uren te zweten in een hete keuken, zwijgend. Hij was bang voor bijdehante vrouwen, ik voor pitbulls in disguise, (lees: in koksbuis en geruite broek).
We hadden elk ons eigen belang. Ik wilde werken, leren en mezelf zijn, hij wilde dat ik werkte, leerde en was wie hij wilde dat ik was. En omdat zijn wereldbeeld meer overeenstemde met dat van Al Bundy dan dat van mij, was vier jaar samenwerken een beproeving. Uiteindelijk won hij de derby tussen Venus en Mars door mij te ontslaan. Ik was opgelucht, van sommige mannen wil je niet afhankelijk zijn.

Mijn beste vriend
Tot mijn dertiende deed ik niet aan beste vrienden, ik deed aan dinnetjes in veelvoud. Elke week verkondigde ik op het schoolplein wie het nu weer had geschopt tot beste vriendin. Maar na mijn veertiende draaide dat om: ‘Beste’ werd het domein van de heren. Ik heb een hoop beste gehad, maar de laatste veertien jaar is het één en dezelfde. Dwarzand en ik zijn alle handen die we hebben op één buik. We doen in songwriting, relatietherapie, spelletjes en debat op hoog niveau. We tarten en tergen elkaar en we steunen en sterken elkaar. Sing halleluja daterzulkemannenbestaan.

Mijn man om bij te blijven
Dat is de man die prachtige liefdesbriefjes schrijft aan vrouwen die ik niet ken. De man die het voor mij opneemt als er een exhibitionist in mijn territorium opduikt. De man die zegt wel eens te moeten wenen als ik lekker eten voor hem klaarmaak. De man die het bestaan van alle mannen in één klap zinvol maakt. De man die het fanclubboek van Laura Lynn van zijn vader voor kerst krijgt. De man die mijn dreads draait. De man die geen krimp geeft als ik een deuk in de vuilnisbak trap. De man met wie ik al eens vadertje en moedertje speelde in een houten huisje. De man met wie ik blijf drijven.

7 reacties:

  1. Maar één opmerking: Wauw!

    iskander op 29 maart 2008
  2. Het is bijna om jaloers te worden als je geen man in jouw leven bent geweest.

    Erwin Troost op 29 maart 2008
  3. Bijzondere mannen in het leven van een bijzondere vrouw. Mooi.

    esther op 30 maart 2008
  4. En au, wat mis ik mijn vader als ik dat eerste stukje lees. Het ligt in de weg van de dingen dat ze eerder verdwijnen dan hun zonen, en je hoort me niet klagen. Maar: verstandig, grappig, tijdelijk.

    Bart op 30 maart 2008
  5. Heerlijk dat doorklikken en wat vind ik deze ontzettend grappig: “Als ze me wil plagen, doet ze altijd iets wat mijn versie niet ondersteunt.”

    Soes op 30 maart 2008
  6. mooi mooi mooi

    madelief op 30 maart 2008
  7. Wat goed en mooi ge- en beschreven allemaal! De beschrijving van je vader doet me aan die van mijzelf denken. Onder andere ook tien jaar ouder dan de ouders van vriendjes.

    Laurent op 31 maart 2008

Schrijf een reactie

Reactie: