[wijvenweek] Over lijven, want dat moest

Ik ben complex en heb een complex complex dat ik ook nog eens alleen maar op een heel complexe manier kan uitleggen. Kortom: we hebben een c, we hebben een o, we hebben een m, we hebben een p en we hebben de rest van die riedel.

De c is van comfortabel
Er is iets schrikbarends gebeurd, in dit stukje schreef ik er al eens over. Ik ben van een meisje dat buiktruitjes en pofmouwtjes kocht/stal/leende, verworden tot een wombat met twee favoriete slobberbroeken, duizend pseudo-pyjama’s en een knelfobie. Aan mijn lijf geen knellingen, kneuzingen of kou, en geen fijngedrukte tenen, ingehouden buiken en strikt bijeengehouden billen meer.
Dus de foto’s van mezelf op wandeltocht in de Provence met suède hakjes van zeven centimeter en een decolleté van vergelijkbare omvang is definitief verleden tijd. Waar mogelijk bestaat mijn wereld uit verende zolen, behaaglijke warmte en ruimte rond elk mals deel van mijn lichaam. Dat mag misschien saai en weinig sexy klinken, maar wees gerust: ik werd doorgaans ook niet echt sexy van het smachten naar een stoel om mijn hooggehakte voeten te sparen, van snijdende strings tot diep in mijn rug en van tocht van mijn tietspleet tot aan m’n suivez moi. Ik word sexy van comfort.

De o is van ontevreden
Ik ken de theorie hoor. Wij vrouwen hebben een onrealistisch ideaalbeeld, een onrealistisch zelfbeeld, een onrealistisch streefdoel, dus die o moest eigenlijk de o van onrealistisch zijn. En toch, en toch, en toch: ik heb écht recht van spreken. Een goed voorbeeld: ik heb blonde wimpers. Jawel, ik geef talloze euro’s uit aan het zorgen dat niemand aan mijn benen kan zien dat ik een brunette ben, maar ondertussen moet ik de mensen ook laten geloven dat mijn beige wimpers zwart zijn. Pikzwart. De o had dus ook van oneerlijk geweest kunnen zijn.

De m is van mooi
Soms ben ik mooi. Ik moet er wel bepaalde poses voor oefenen en ik mag certain kledingstukken nooit uittrekken. Maar als ik dat eenmaal voor elkaar heb, ben ik best mooi. Zo heb ik amandelvormige ogen, heel rechte schouders en goeie turnkuiten. Over alle mislukte dingen probeer ik het nu even heel hard niet te hebben. En dat is gelukt.

De p is van pragmatisch
Natuurlijk wil ik graag mooi zijn. Liefst altijd. Maar met het basismateriaal dat ik heb gekregen, kost mooi zijn veel geld en veel tijd. Beide heb ik niet tot mijn beschikking en daar wordt een mens pragmatisch van. Zo heb ik een jas met capuchon voor badhairdays, verder heb ik mijn lief getraind mij ook mooi te vinden als ik mijn capuchon af heb. En als ik in de spiegel kijk, zeg ik zoemmmm, als teken van overgave. Heel pragmatisch.

De l is van lelijk
Mezelf lelijk vinden is geen enkel probleem. Dagelijkse kost. In wezen ben ik een optimistisch mens, maar de o van ontevreden zit ook in zoemmmm. Dus de blik in de spiegel leidt regelmatig tot de o van ongelukkig. Edoch, ik ben een optimistisch mens, met een makeuptasje, een ferme garderobe en een lief dat spiegelt dat ik mooi ben. Met wat kunst- en vliegwerk en de juiste dosis indoctrinatie komt het altijd weer goed.

De e is van extravagant
Met de c van comfortabel heeft ook de i van iets-minder-extravagant zijn intrede gedaan. Ik vind lange stelten met een superstrakke kont en weinig verhullends van boven prachtig. Maar na vijftien jaar overal overdressed zijn, behalve in wijlen mijn stamkroeg de Roxy, heb ik de neiging een beetje onder te duiken. Als een halve skater verstop ik me in baggy trousers, hoody’s en vans. Daar valt geen vrouw meer in te ontdekken. En toch: met mijn stoney oogopslag, mijn dreadlocks en mijn voorkeur voor felle contrasten vrees ik dat ik (zeker in België) nooit echt onder zal kunnen duiken.

De x is afhankelijk van de stemming van de dag
Vandaag voel ik me lousy, qua lijf. Mijn tanden moeten gepolijst, maar de tandarts had pas over vijf weken tijd, mijn dreadlocks zitten in een peuterpuberteit, met als gevolg dat er geen land mee te bezeilen valt en alle goede broeken zitten in de was. Maar er ligt een muts klaar, voor als ik met de handen in het haar besluit dat deze badhairday niet meer te redden valt. Want stemming of geen stemming: pragmatisch blijf ik altijd. En een muts is comfortabel – van comfortabel word ik sexy – daar zit een x in. En zo is het verhaal helemaal rond.

(PS Er is zelfs een echte wijvenweekwebzijde, zie hier)