Een verantwoordelijke taak in een jong en dynamisch bedrijf

Ik heb te veel films gezien en zodoende heb ik een verwrongen beeld van alarminstallaties. Alarminstallaties are there to get you en dat zal mij dus mooi niet gebeuren. Zoiets. Tegelijkertijd kom ik als freelancer vaak bij de mensen thuis. Wat betekent dat men mij zo nu en dan een alarmcode toestopt en me een gigantische sleutel geeft met de mededeling dat het ongeveer 400 euro kost om die na te laten maken. O ja, en veel succes.

Die combinatie, ik kan ‘m niemand aanraden. In mijn perceptie is ‘het alarm aanzetten’ een verantwoordelijke taak in een jong en dynamisch bedrijf, maar met heel mijn hart weet ik: het kan alleen maar fout gaan. Net als in de film.

Dus bereid ik het allemaal zorgvuldig voor. Als eerste buig ik me uitgebreid over de vraag: heb ik alles? Maar dan ook écht alles? Meestal krijg ik namelijk wel de handleiding voor het aanzetten van het alarm als ik wegga, maar niet voor het uitzetten, mocht ik onverhoopt iets vergeten zijn. Iets laten liggen is dus tijdelijk definitief en dat moeten we niet hebben. Vervolgens sluit ik deuren en ramen, omdat elk windvlaagje het alarm kan activeren (tenminste in de films die ík heb gezien). En ten slotte zorg ik dat ik mijn sleutel paraat heb, zodat ik niet aan de deur hoef te morrelen als het alarm eenmaal aanstaat. Voor je het weet staat er een heel politiekorps op de stoep om te constateren dat je nog niet eens in staat ben om een luizig alarm aan te zetten.

Een onwrikbaar systeem, dacht ik. Tot ik het systeem ging verfijnen, want ik werd elke keer zo zenuwachtig als ik het sleutelgat nog moest zoeken. Een beetje alarm merkt het natuurlijk als je aan het sleutelgat morrelt, tenminste zo gaat dat in James Bond. Dat moest beter kunnen.
Dus had ik bedacht dat ik de sleutel niet alleen paraat moest houden, maar dat ik hem als de deur nog open was al in het sleutelgat moest steken. Good thinking!

De eerstvolgende keer propte ik mijn rugzak vol met alles wat ik mogelijkerwijs kon vergeten, ik repeteerde de alarmcode drie keer, ik sloot alle ramen en deuren, stak de sleutel in het slot, deed het alarm aan en zwiepte, BENG, de deur dicht. En toen zat mijn sleutelbos tussen de deur. Niet mijn jas, of een kartonnen sleutelhanger, maar mijn godganse sleutelbos.
De deur zat dicht, het alarm stond aan en de sleutel was ondraaibaar geworden.

In al mijn verbazing vroeg ik me af wat Bruce Willis in zo’n geval zou doen, waarna ik de sleutelbos een snok gaf, constateerde dat niet alle sleutels het hadden overleefd en het op een rennen zette.