Hoe het met mij gaat

Hoe het met mij gaat, vroeg @karenvdslikke.

Dinsdag zag ik voor het laatst iemand anders dan Wannes. Dat was de caissière van de Bioplanet. Ik geloof niet dat ze iets anders tegen me zei dan de prijs van de boodschappen. Ze nam niet de moeite me aan te kijken. Omdat ik al twee dagen lichtschuwe ogen had, droeg ik ook binnen een zonnebril.
Zaterdag zag ik voor het laatst iemand die ik ken. Het was @DeHuisvrouw. Omdat ze trouwde kwam ik uit mijn hol. Er waren mensen. Veel mensen. Meer mensen dan ik sinds half juni had gezien. Na een uur zette ik het op een lopen. Toen ik thuiskwam gaven mijn kegeltjes het op en werd ik lichtschuw.
Twee weken geleden sprak ik voor het laatst met iemand af. Mijn schoonouders kwamen eten. Zonder kiezen en met ontstoken ogen en een kop vol personages schoof ik aan. Ik herinner me er niet veel van.
Vier weken geleden kwam ik terug van een vakantie waarin ik met Wannes ronddoolde door verlaten dorpen, op stille campings en langs uitgestorven kustlijnen. Een vakantie waarin ik dankzij een welwillende dokter en een dosis opiaten voor het eerst sinds een jaar pijnloos door het leven kon. Toen de toeristen kwamen, haakten we af.
Zeven weken geleden stierf mijn poes. Het was een poes die me uit mijn concentratie haalde, zeker toen hij ziek was. Maar dood is ook weer zo wat.
Het is nu vrijdag. Ik schrijf al een maand aan een stuk door en ik moet nog een paar weken, ik vervloek mijn lichaam en de eenzaamheid, maar ik ben tevreden. Het wordt mooi.