België-Nederland: Bergen

Daar gaan we weer. Wie wint?

Toen ik 15 was, liftte ik regel­ma­tig naar de Ardennen. Ik had nog niet zoveel bergen gezien, maar als ik het woord bergen voor de Ardennen gebruikte, werd ik uit­ge­la­chen. ‘Ben je wel eens eens in de Pyreneeën geweest? De Alpen? Dat zijn pas bergen.’ Dan kromp ik ineen, want ik was eigenlijk al retetrots dat ik überhaupt ooit bergen had gezien. Bergen zijn mooi.
Niet veel later zag ik de Alpen, de Pyreneeën, de Serra da Estrela, de Jura, de Vogezen, de Apen­nij­nen en toen wist ik: ‘Haha, de Ardennen.’
Ik kijk dolgraag naar bergen, maar ik zou nooit aan de voet van een Alp willen wonen, daarvoor ben ik te latent claus­tro­fo­bisch. Ik moet het idee hebben dat je weg kunt, vluchten, desnoods erover­heen. Dat heb je met Alpen niet.
Nu woon ik aan de voet van de Kei­zers­berg, een berg die geen berg mag heten. ‘Haha, de Kei­zers­berg’, zo’n berg. Maar toch, ik woon aan de voet van een berg (+1), ik woon waar Vlaams-Brabant begint te glooien (+2), ik fiets omwegen door Leuven omdat ik geen klimmer ben (+3), ik heb kam­pi­oenskui­ten, omdat ik de afgelopen drie jaar in het dal van Leuven woonde en voor alles omhoog moest (+4), en als ik 13 kilometer naar het zuiden rij, ben ik in Waals-Brabant, waar helemaal niets plat is (+5).
In Amsterdam fietste ik om als ik de brug van de Stad­hou­ders­ka­de over de Amstel zag opdoemen. Die was me te hoog. Ik koos dan voor de Cein­tuur­baan­brug of de brug in de Sarp­ha­ti­straat naast het Amstel­ho­tel. De Stad­hou­ders­ka­de­brug is een troost­prijs­punt­je voor Amsterdam (+1), om het niet te pijnlijk te maken. België wint.

dis­clai­mer­tje

Eén reactie

  1. België heeft terecht gewonnen, maar ik vind dat Nederland (Amsterdam) er toch nog wel een puntje bij mag voor het bruggetje over een zijtak van de Amstel vlak voor (of na) Carré. Daar kom je met een gewone omafiets nau­we­lijks overheen!

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.