Groetenisse: een nieuwe serie

Gisteren schreef ik een stukje voor De Wereld Van De Nederlandse Taal (DWVDNT), de site van de jongerenredactie Nederlandse Taalunie waarvan ik hoofdredacteur ben. Het was een bericht over de online databank van het Instituut voor Nederlandse Lexicologie waarin je meer dan duizend brieven uit de tijd tussen 1664 en 1781 kunt lezen. De brieven zijn afkomstig van schepen die gedurende de oorlogen tussen Engeland en de Republiek gekaapt werden. Bijzonder aan de brieven is dat ze veelal zijn geschreven door mensen uit de lagere sociale klassen, die veel meer schreven zoals ze spraken dan de eliteschrijvers.

Het was lang geleden dat ik zo ontroerd raakte door mijn werk. Omdat ik het stukje schreef voor jongeren vanaf veertien jaar, heb ik mij beperkt tot gemakkelijk te begrijpen fragmenten, maar er was zó veel meer dat indruk op me maakte. En omdat er zo veel meer was, zal ik de komende maanden een greep doen uit al wat ik kan vinden over onder andere Geleijn, Beleijtje, Magdaleentje, Jan Lucasz Karnemelk, Weduwe Hans Roeland en Aaltje.

Wil je meer informatie over het scheepsbrievenproject en de database? Kijk dan hier.
Dan sluit ik graag af met de woorden van Sietje Staalman uit Delfshaven aan haar minnaar Hendrik van Scheltum die op dat moment in Kaap de Goede Hoop verblijft.

Verders weet ik ue mijn waarde lieff niet meer te schryv
Als d Groetenis van d Jonge Juffrouwe Hoek en van Meutje
Trijntje d Groetenis van mijn Neeffs Cornelis Breedius
En Zijn vrouw en Dirk donker en Zyn Vrouw d Groetenis van alle
Vriende Hier Meede breek ik af en blyve uE getrouwe lieff
Tot den doot Sietje Staalman