Noem mij wat ik ben

Er waren anderen die me een schrijver noemden, anderen die me een jour­na­list noemden, anderen die me een columnist noemden en anderen die me juf noemden. Het voordeel van die anderen was: ze gaven me gewicht. Mijn hoofd, vervuild door valse en waar­ach­ti­ge beschei­den­heid, heeft anderen nodig om mij te noemen wat ik ben. Zelf raak ik door twijfel overmand als ik mij moet noemen. Maar het is lastig, die afhan­ke­lijk­heid van etiketjes die anderen plakken, want wát als mensen je het verkeerde noemen? Een lar­moy­an­te tyfustrut? Een over­schat­te wanna-be? Mijn hoofd, vervuild door bewuste en onbe­doel­de afhan­ke­lijk­heid, moet dan een handvol slapeloze nachten puzzelen om te rela­ti­ve­ren wat anderen mij noemen.
Daarom ben ik al een volle slapeloze nacht aan het puzzelen om te rela­ti­ve­ren dat ik gisteren een bosje meiklok­jes kreeg, en een plant. Over iets meer dan 24 uur weet ik of het terecht was dat ik op iemands bood­schap­pen­lijst­je voor moederdag belandde.

13 reacties

  1. Wannes en ik hebben vanaf het begin besloten nooit zelf te testen, gelijk het zie­ken­huis, zodat alles wat je weet gestaafd is door cijfers en zekerheid. Mor­gen­och­tend bloedtest, ‘s middags bellen ze.

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.