Mijn zoektocht naar een plek om te blijven (3) Huur of koop

De vraag die jullie het meeste stelden toen ik schreef dat ik op zoek was naar een huurhuis ‘om te blijven’: waarom koop je niet?

De korte versie van het antwoord is: als we een huis kopen, moeten er waarschijnlijk gigantisch veel kruisjes uit de logikwis verdwijnen. Simpelweg omdat ons budget gering is.

Natuurlijk is bij een koophuis de ‘essentie’ van mijn zoektocht gedekt (een plek om te blijven), toch heb ik voor die zekerheid niet zo belachelijk veel kruisjes over.

No strings attached

Het lange antwoord begint bij de formulering van de essentie. ik wil een plek waar ik kan blijven, ik wil niet per se een plek waar ik moet blijven. Het klinkt als een minieme nuance, maar het voelt voor mij als een levensgroot verschil.

Ik heb de afgelopen jaren op een haar na al mijn schulden afgelost, gezorgd dat alle rekeningen uit het rood zijn, dat alle bedrijfsleningen afgelost waren en dat we voorschotten op belasting betalen in plaats van steeds te schrikken van de achterafbetalingen. We hebben zelfs geen creditcard meer. Het gevoel dat ik nu heb – no strings attached, ik sta bij niemand in het krijt – is me eigenlijk best veel waard. Ik bezit dan wel niks, maar ik ben ook nergens aan gebonden. Een hypotheek zou dat gevoel in één keer wegvagen. Als ik er een behoorlijk huis op een behoorlijke plek voor terugkrijg, is het dat misschien waard, maar mijn budget steekt bij de minste gedachte aan een behoorlijk huis een dikke middelvinger naar me op.

Molensteenvrij

Hoewel ik niet uitsluit dat ik nog eens rijk word de komende jaren, wil ik niet het juk voelen om rijk te moeten worden. Sterker: als zelfstandige is de kans altijd aanwezig dat je ineens een stuk armer wordt. Bovendien lijkt mijn werk steeds minder waard te worden (awoert overbevolking op de schrijfmarkt!) en zijn huizen in deze tijd niet per definitie een ‘zekere’ investering. Als ik huur, leef ik zeker molensteenvrij. Als ik koop moet dat nog maar blijken.

Wat nog wel kan, is dat ik voortschrijdend inzicht krijg in mijn budget of in de woningmarkt, waardoor al mijn eerdere afwegingen in een ander licht komen te staan. Dan wil ik best opnieuw overwegen om de hoon van de hypotheekverstrekker te trotseren.

Ook kan het zijn dat Wannes en ik in een vlaag van verstandsverbijstering besluiten dat we een bungeejumpbedrijfje op Hawai willen hebben. En dat de Hawaiaanse bungeejumpbedrijfjesmarkt een koopmarkt blijkt te zijn. Je weet het niet.

Wordt vervolgd.

Deel 1 – De suspense
Deel 2 – De logikwis
Deel 3 – Huur of koop
Deel 4 – Wat is een huis?