Vrijdag 18 december 2015 – Belgische vrienden

Iedereen praat, maar ik zit op de T-splitsing van de conversaties, de gesprekken slaan vlak voor mij af. Ik kijk om me heen, sabbelend op het chocolaatje dat bij mijn koffie zat. Het is anders dan tien jaar geleden, toen ik de vrienden uit de theatergroep van mijn man – toen nog mijn verkering – voor het eerst ontmoette. Destijds moest ik moeite doen om ze te verstaan, want het Vlaams had nog geen plaats in mijn hoofd, ik verwachtte nog dat we uit het café geveegd zouden worden als het ging sluiten, omdat ik niet gewend was aan vrije openingstijden, en ik probeerde me uit alle macht voor te stellen hoe het zou zijn als ik deze mensen tot mijn vrienden mocht rekenen. Bélgische vrienden, het moest niet gekker worden.

Vanavond zijn we bij elkaar omdat een van hen, Koen, gaat emigreren naar de Verenigde Staten. Hij vertrekt uit Leuven voor de liefde, zoals ik uit Amsterdam vertrok voor de liefde, hij laat zijn vrienden achter, zoals ik mijn vrienden achterliet en hij neemt een stap in het ongewisse, precies zoals ik dat deed. Ik herinner me dat ik bang was, maar dat niet liet merken. Ik kijk naar Koen en ik vraag me af of hij bang is. Hij laat niks merken. De angst was gegrond, emigreren is geen kattenpis en alles waar ik bang voor was gebeurde: ik was regelmatig eenzaam, losgezongen en afgesloten. Maar het was ook de meest louterende ervaring uit mijn leven, want er is geen verfrissender detox dan helemaal opnieuw beginnen in een land waar bijna niemand je begrijpt.

De conversatie op het kruispunt voor me gaat over Amerikanen en vriendschap. Ik wil me mengen, want nieuwe vrienden maken is me misschien nog wel het zwaarste gevallen. In het begin legde ik de oorzaak bij de Belgen en hun weinig flexibele levensstijl, maar na verloop van tijd kwam ik erachter dat ik het zelf was, ik was het obstakel. ‘Weet je Koen’, zeg ik, ‘je zult waarschijnlijk moeilijk nieuwe vrienden maken en je zult wijzen op de cultuurkloof. Maar dat is niet terecht. Het is onze leeftijd, dan maak je gewoon amper nog vrienden.’ Koen knikt en het gesprek buigt af naar de garçon die nog een rondje kerstbier noteert, en een koffie voor die mevrouw in de hoek waar alle gesprekken afslaan. Ik kijk nog eens om heen, naar Koen, Heleen, Patrick, Lode, Aagje, Goedele, en ik voel tot in mijn tenen dat het flauwekul is dat je op onze leeftijd nog amper vrienden maakt.

foto: Theater Deterugkeer 2005 © Wannes Daemen

Deze column verscheen op zaterdag 19 december 2015 op Canvas.be.