Hoe onze vakantie onbestaande werd (1)

Dat schrijf ik wel even op, dacht ik. Maar zo simpel is het niet. In die zes uur dat we niet wisten of we op een veilige slaapplek terecht zouden komen, gebeurde er elke minuut iets dat nu nog door mijn hoofd spookt. Soms voelt de film die aan me langstrekt als een Peter Greenaway-film, bijvoorbeeld als de beelden voorbijkomen waarin Wannes en ik in zwaailichtescorte met de politie door de bossen rijden, met op elk bospad een prostituee met een grote witte tuinstoel en in een streep zonlicht een wild zwijn. Andere momenten zijn meer als shots uit Homeland. Dan zie ik mij en Wannes in de gang boven de snelweg stilletjes bevend wachten achter een muurtje om op teken van de politie opnieuw verdachten te identificeren.

De eerste dagen waren vooral de wat als-gedachten overheersend: wat als we niet waren gestopt? Wat als we niet zo verwend hadden gedaan over het weer en we gewoon in de Ardèche waren gebleven? Wat als ik niet alleen onraad had geroken, maar ook juist had gehandeld? Wat als Wannes juist had gehandeld?

We kunnen allebei het moment aanwijzen waarop het ’t allerergste voelde. Dat was het moment dat we realiseerden dat allebei onze handtassen kwijt waren en dat we dus helemaal niets meer hadden waarmee je dingen kunt doen en regelen: geen geld, geen bankkaarten, geen identiteitsbewijzen, geen telefoons, geen woordenboek, geen landkaart. De hogedrukspuit met angsthormoon die toen in een fractie van een seconde werd aangezet, zullen we allebei niet licht vergeten.

In een verhaal voor Volkskrant Magazine schreef ik eens: incasseren kun je leren. Dat was ietwat ironisch bedoeld, maar het blijkt nogal waar. Ik heb het idee dat ik een soort routine heb ontwikkeld in het incasseren, een routine waardoor ik zonder al te veel tijdverlies eigenwaarde ontleen aan oplossingen zoeken en zodoende alle cliché’s waarmaak: what doesn’t kill you makes you stronger en ook hier zul je weer gelouterd uitkomen.

Ik wil het verhaal de komende dagen graag opschrijven. Omdat het een rare trip was en omdat het misschien ook een waarschuwing kan zijn: dit gebeurt in Spanje om de haverklap en een gewaarschuwd mens telt voor twee. Volgens de Belgische ambassade zijn er vorige week in drie dagen tijd vier Belgische auto’s in de val gelokt.

Omdat we intussen ook moeten proberen de bureaucratische rompslomp te regelen, zal het verhaal er met horten en stoten uitkomen: vergeef me de cliffhangers, ze zijn niet zo bedoeld. Godzijdank mochten we de Catalaanse aangifte in zijn geheel nog eens afleggen bij de Leuvense politie, want ik zag het alweer gebeuren: een bankkaart aanvragen met een Catalaans berovingsbewijs of dagen wachten op een vertaler of van die dingen. De volgende stap is nieuwe identiteitsbewijzen.

Wordt vervolgd.