Op zoek naar Prince

Foto: Maartje in 1990.

1990

Zestien was ik en Prince was sinds vier jaar mijn grote held. We stonden bij Dansen bij Jansen Bricks te spelen aan de speelautomaat. Dat deden we meestal op vroege avonden, omdat de dansvloer dan zo leeg was dat je wel erg zelfverzekerd of dronken moest zijn om je daarop te wagen.
‘Prince komt vannacht na zijn concert naar de Bios’, zei een vriendin van me.
‘De bios?’ Ik schoof het plankje de verkeerde kant op. Pèp. Af. ‘Welke bios?’ Ik maakte plaats voor de vriend tegen wie ik speelde.
‘Dé Bios, die tent op het Leidseplein.’
De Bios, ik was er nooit geweest. Niemand van mijn vrienden ging ooit naar een van de dancings op het Leidseplein. Te toeristisch, te duur en bovenal te ordinair: te veel meisjes met paarse lippenstift en te veel gasten met matjes.
‘Hoe weet je dat?’ vroeg ik.
‘Iedereen zegt het.’
‘Moet je daar betalen?’
‘Ik weet het niet.’
We staarden naar het balletje van de Bricks-automaat.
‘Zullen we gaan?’
Ik zag aan haar dwingende blik dat ik geen nee mocht zeggen, maar ik was blut. Bij Dansen bij Jansen kon ik gratis naar binnen, omdat ik zoals veel meisjes in de smaak viel bij de portier, en ik kreeg er een deel van de drankjes van anderen omdat ik er veel mensen kende. Als de Bios tien gulden entree zou kosten, wat op het Leidseplein niet ondenkbaar was, zou ik de rest van de avond moeten hopen op de vrijgevigheid van een klein gezelschap. Maar misschien zou dat kleine gezelschap dan wel Prince en zijn entourage zijn. ‘Kom op,’ zei ik, ‘we gaan.’
We trommelden nog wat anderen op, haalden op een drafje onze fietsen van slot en slingerden in een sliert door de Heiligeweg en de Leidsestraat met een visioen van lange rijen voor de Bios en drommen mensen op straat.

Op het Leidseplein was het rustig. Binnen zaten er een paar mensen aan de bar en de dansvloer was leeg. De dancing deed me denken aan van die flitsende disco’s tijdens de werkweek in Friesland, waar ook nooit iemand was, maar waar de discobal en het volume van de muziek niet nalieten de indruk te wekken dat er een groot feest op stapel stond.
We herkauwden de Prince-roddel terwijl de club langzaam volstroomde met meisjes en jongens met veel te zwarte kleren, die zich op basis van de geruchten voor één keer in de paarselippendisco waagden. Prince had die avond opgetreden in de Kuip en vermoedelijk logeerde hij in het Amstelhotel. De roddel dat hij naar de Bios zou komen, had ons van meerdere kanten bereikt en als het bericht uit verschillende hoeken kwam dan zou het wel waar zijn.
We deden eindeloos met ons eerste en enige drankje, en keken reikhalzend naar de deur.  De muziek was van die glijerige jarentachtigdisco zonder groove, die schril afstak bij de eindeloze variaties op A real mother for ya van Johnny Guitar Watson die we gewend waren.
Zo snel als de Bios was volgestroomd, zo snel stroomde het ook weer leeg toen een nieuwe roddel het fluistercircuit bereikte: Prince had zijn plannen gewijzigd, hij zou naar de Odeon gaan. De Odeon was goedkoop, maar ik had helemaal niets meer. Nog geen twee gulden voor een biertje
‘We gaan wel hoor’, zei iemand. ‘Ik kan het niet uitstaan als ik later hoor dat hij daar echt is geweest.’
‘Ja, we gaan wel’, zei iemand anders. ‘Ik betaal wel voor jou.’

Dus daar gingen we, slingerend terug door de Leidsestraat naar de Singel, waar de Odeon zat, Het was er saai, zoals het er altijd saai was. Officieel was het een studententent, maar in werkelijkheid kwam er een ratjetoe van types, generaties en stijlen, omdat het zo goedkoop was dat iederéén uiteindelijk naar Odeon uitweek als een eerder festijn tot armlastigheid had geleid. Het bevreemdde me dat Prince zijn oog juist op deze disco had laten vallen, want als er ergens slechte muziek werd gedraaid, was het wel in de Odeon. Met gekromde tenen luisterden we naar belegen hits als Building a bridge to your heart en Living in a box, hopende dat de dj zijn eergevoel zou terugvinden tegen de tijd dat His Royal Badness de marmeren Odeon-gang zou betreden. Ook in de Odeon was de toeloop even wat groter geweest toen de Prince-roddel op zijn hoogtepunt was, maar tegen tweeën zaten we in een halflege disco met een doodgeslagen biertje gapend te staren naar de deur terwijl de bolletjes van de discobal veel te vrolijk over onze wit weggetrokken gezichten rolden. Niemand verwachtte Prince nog, en er waren al mensen terug naar Dansen bij Jansen om te checken of iemand wist waar Prince dan wél was, Uiteindelijk verlieten we rond half drie knikkebollend het pand. We maakten nog een omweg langs het Amstelhotel, maar ook die tocht bleef zonder resultaat.

De volgende dag ging het gerucht dat Prince die avond ‘onverwacht’ de Bios had bezocht, maar niemand wist of het waar was. Ik maakte in de weken erna goede sier met het verhaal dat ik in de Bios was op de avond dat Prince daar ook was.

1993

Een paar jaar later, rond 1993, hing ik wekelijks in de RoXY. Op een avond werd de bovenverdieping ontruimd, omdat naar verluidt Prince had aangekondigd te willen komen. Mijn beste vriend werkte bij de toiletten boven, dus ik was een van de weinigen die mochten blijven zitten. Er werden koordjes gespannen en obstakels gebouwd waarmee er een grens ontstond tussen de bovenbar en de loop naar de wc’s. Vanaf mijn plek kon ik tussen de barricades door het trapgat in de gaten houden, de enige route waarlangs hij boven kon komen. Het duurde uren en ik moest denken aan die avond in de Bios, een paar jaar eerder, maar na een tijdje verscheen er in het sfeerlicht toch echt een petieterige, donkere schim op sierlijke halve laarsjes, geflankeerd door een crew die het zicht op hem deels ontnam.

Hoewel ik eerste rang zat, daar op de bovenverdieping, zag ik me algauw genoodzaakt mijn mooie plek te verlaten omdat mij ter ore kwam dat Prince over de balkonbalustrade naar beneden stond te turen om de coolste meisjes uit de dansende massa op audiëntie te laten komen. In het uur dat volgde ging ik al dansende kapot aan hyperzelfbewustzijn. Af en toe deed ik een poging tot schalks naar boven kijken, in de richting van de knipperende tegenlichten en de schimmen op het balkon, maar het grootste deel van de tijd tolden er vragen door mijn hoofd: zag ik er wel cool genoeg uit? Danste ik wel oké? Waren de andere meisjes niet stuk voor stuk veel Prince-waardiger? Stond hij er nog? Toen ik naar de wc ging waren de linten en obstakels boven weg, de bar was gewoon weer open. Het gerucht ging dat Prince het pand al na een kwartiertje had verlaten.