• Over natuur,  Stukjes in het wild

    Een jaar­over­zicht in mei

    Het is mei. Niet echt een maand voor jaar­over­zich­ten, maar des te beter. Ik had de filmpjes van 2017 nog niet laten zien. Behalve het drama tijdens het uit­vlie­gen van de meesjes natuur­lijk. Maar er was ook allerlei vreug­de­vols in 2017. Bij dezen.

  • Wat ik las

    Lezens­waar­dig­he­den – 19 mei 2018

    Dra­ma­ti­sche afname van insecten We ver­nie­ti­gen de fun­da­men­ten van de kringloop: de insecten. Ook in Nederland is nu een schrik­ba­ren­de afname gecon­sta­teerd.  Insecten zorgen voor een gezonde bodem, zodat planten kunnen groeien, ze bestuiven bloemen, bomen en gewassen en ze zijn onmisbaar als voedsel voor vogels en andere dieren. Twee lang­lo­pen­de studies van in totaal acht insec­ten­groe­pen in natuur­ge­bie­den bij Wijster (Drenthe) en in natuur­ge­bied Kaaistoep (Noord‐Brabant) zijn uitvoerig gea­na­ly­seerd. De weten­schap­pers con­clu­de­ren dat in 27 jaar tijd twee derde van onder­zoch­te groepen verdwenen is. Enige lucht­punt­je: de wantsen zijn stabiel gebleven. Seksisme in de letteren Revisited Gaea zet het nog eens glas­hel­der op een rijtje: over de man­ne­lij­ke toon­zet­ting in de letteren en de gevolgen daarvan voor vrouwen. De oorzaken van het feit dat vrou­we­lij­ke auteurs een lager soor­te­lijk gewicht hebben, zijn complex. Sowieso wordt er in beoor­de­lin­gen van lite­ra­tuur (of dat nu in sub­si­die­com­mis­sies, jury’s, recensies of bij het samen­stel­len van bloem­le­zin­gen is) met een man­ne­lij­ke lat gemeten, want onze poëtica is nu eenmaal mannelijk, net als de literaire canon waar we mee opgroeien. What are the most common American political insults? Op de blog van Oxford Dic­ti­o­na­ries verscheen in 2014 een stukje over hoe links en rechts…

  • Columns

    De Titanic en het Noord­sta­ti­on

    Eerst hoopte ik nog dat ik Wim De Vilder verkeerd had verstaan in de ­bericht­ge­ving rond de toestand aan het Brusselse Noord­sta­ti­on, waar minstens honderd mensen al enkele weken onder erbar­me­lij­ke omstan­dig­he­den hun dagen door­bren­gen. ‘CD&V wil overleg met de Brusselse regering en wijst erop dat er ook vrouwen, kinderen en zieke migranten aan het Noord­sta­ti­on ver­blij­ven’, zei de nieuws­le­zer in Het journaal van vrijdag 4 mei. Vrouwen, kinderen en zieke migranten? Nee, dat had ik vast verkeerd begrepen. Maar nadat ik het item nog eens had bekeken, moest ik vast­stel­len dat het er inderdaad op leek dat CD&V het oude adagium ‘vrouwen en kinderen eerst’ had opge­poetst om in een regering die het probleem aan het Noord­sta­ti­on ‘een hygi­ë­ne­pro­bleem’ noemt, toch nog enige barm­har­tig­heid te veinzen. ‘Ik heb begrepen dat het gaat over daklozen, zieke mensen en moeders met kinderen,’ vertelde Kris Peeters. ‘Dat is een wat andere groep dan alleen de trans­mi­grant.’ Goed, dus er voltrekt zich een ramp en iemand begint te roepen: ‘Vrouwen en kinderen eerst!’ Waar kennen we dat van? O ja, uit verhalen over scheeps­ram­pen. Titanic, Leonardo DiCaprio en Kate Winslet. Verhalen die veelal over­ge­ro­man­ti­seerd zijn, een uit­zon­de­ring zelfs als we de onder­zoe­kers mogen…

  • Wat ik las

    Lezens­waar­dig­he­den – vrijdag 10 mei 2018

    Schenk woorden en blijf Deze afscheids­brief, die Alex Boogers schreef aan Renate Dor­re­s­tein, vond ik erg mooi. Het korte berichtje waarin ik je, zoals zovelen later, een hart onder de riem wilde steken bleek prompt het begin van een opbloei­en­de cor­res­pon­den­tie. De band die daarop ontstond betitelde jij als eerste als ‘vriend­schap’. Ik schreef je met nach­te­lij­ke regelmaat veel te lange, slordige mails. Jij beant­woord­de ze vaak met prachtige zinnen, treffende beschrij­vin­gen, en de voor jou zo ver­trouw­de humor. Je maakte nooit een geheim van je ziekte, en hoewel we hadden afge­spro­ken dat ik er niet naar zou vragen beschreef je regel­ma­tig in welke fase je nu weer verkeerde met de bij­be­ho­ren­de voor­ge­schre­ven ‘heerlijke medicatie’, en wist je zonder dramatiek precies te beschrij­ven hoe het je verging. De goede ver­staan­der las de loop­gra­ven­strijd die je elke dag voerde voor enkele cen­ti­me­ters winst. Je wilde dóór en verder, maar natuur­lijk wel op jouw voor­waar­den, en zo heb je precies geleefd. Langer en inten­sie­ver dan je misschien ook zelf had verwacht. There is no campus free speech crisis: The right’s new moral panic is largely imaginary Linkse uni­ver­si­tei­ten willen ons de mond snoeren, sputteren de rechts‐radicalen tegen­woor­dig bij het minste of geringste.…

  • Columns

    Slecht is de norm

    De borstel van de stoffer en blik was stuk. Het handvat lag in tweeën, omdat ik dacht dat ik een vast­ge­koekt restje vie­zig­heid wel even weg kon schrobben met het harde randje voor aan de veger. Het was al de derde keer dat ik het handvat van zo’n plastic borstel brak, wat te denken geeft over mijn aanpak van vast­ge­koek­te restjes, maar ook over de kwaliteit van het handvat. Weemoedig dacht ik terug aan vroeger, toen een blik nog van blik was en een veger van hout. Met een beetje dis­ci­pli­ne ging zo’n setje een half leven mee. Ik vroeg me af waar je als bewuste consument nog een degelijke, duurzame stoffer en blik kon kopen en sloeg aan het googelen. Al klikkend rea­li­seer­de ik me wat ik aan het doen was: ik research­te de ingre­di­ën­ten van een stoffer en blik om te voorkomen dat ik bijdroeg aan ver­spil­ling en het liefst ook aan misbruik, ver­gif­ti­ging en ont­heem­ding. Terwijl het natuur­lijk veel logischer zou zijn als dit de norm was: dat grond­stof­fen zorg­vul­dig gebruikt worden en dat niemand ziek of arm wordt door mijn behoefte aan poets­ge­rief. Het zou pas kloppen als ik als een ware gangster moeite zou moeten…

  • Wat ik las

    Lezens­waar­dig­he­den – dinsdag 1 mei 2018

    Kan­toor­knup­pel, het ga u goed – 925.nl Either you love him or you hate him lijkt me geen slechte manier om Jort Kelder te beschrij­ven, met daarbij de kant­te­ke­ning dat beide sensaties zich in hoog tempo kunnen afwis­se­len. Zo ervaar ik ergernis en afschuw én bewon­de­ring en gea­mu­seerd­heid als ik hem aanschouw, maar hoe het ook zij: schrijven kan hij als de beste, en deze 925‐memoires zijn lezens­waar­dig. In dit artikel draagt hij de site 925.nl (lees: nine‐to‐five) voorgoed over aan FTM.nl (Follow The Money). ‘Gemiddeld bereikt 925 zo’n 130 duizend unieke bezoekers per maand, met uit­schie­ters naar het dubbele. We zouden dat aantal vrij makkelijk kunnen verhogen, maar vinden het eigenlijk wel goed zo. Heel veel meer hoog­op­ge­lei­de kan­toor­knup­pels die in finan­ci­ë­le stukken  geïn­te­res­seerd zijn, zal dit vlakke land niet herbergen. Alleen denkt de adver­ten­tie­we­reld in andere aantallen. Om van banners te kunnen bestaan en de bloggers accep­ta­bel te kunnen honoreren, is minstens het tien­vou­di­ge bezoek nodig. En daar bedanken wij voor, ook al omdat we graag met een letterbak voor meer dan vier­hon­derd woorden blijven werken. Het adver­ten­tie­mo­del is, kortom, dood. Toen we begonnen, kon een business‐site nog tientjes per duizend bereikte bezoekers rekenen. Met dank aan massa‐platforms…

  • Columns

    De gluur­cul­tuur is een hit

    Een jaar of twintig geleden begon ik een klan­ten­kaar­ten­car­rou­sel. Met een stel vrienden ruilde ik klan­ten­kaar­ten in de hoop dat ons win­kel­pro­fiel een rommeltje zou worden en de super­markt zou denken dat de veer­tig­ja­ri­ge man in ons gezel­schap tampons en make‐up aan­schaf­te, terwijl de student budget had voor een dagelijks biefstuk. We hoopten een stok in de spaken van het systeem te steken en hoewel het goed­be­doeld was, is het een schit­te­rend voorbeeld van de half­bak­ken houding die velen van ons aan­nemen als het om per­soons­ge­ge­vens gaat. We wilden niet meewerken aan listige mar­ke­ting­trucs, maar we wilden wel korting. Het was een klein protest tegen een steeds groter wordend probleem: de handel in per­soons­ge­ge­vens die voor­spel­len wat ervoor nodig is om ons onze ziel te laten verkopen. ‘Een spin­nen­web waarvan we nau­we­lijks door­heb­ben dat we erin zitten’, zo beschreef tech­no­so­ci­o­loog Zeynep Tufekci de ver­lei­dings­tech­no­lo­gie die ons omringt vorig jaar in een TED Talk. Ze ver­ge­lijkt onze online omgeving met het snoeprek bij de kassa van de super­markt: het valt niet op dat het er staat, we nemen het niet eens serieus als ver­lei­dings­tech­niek, maar uit de omzet­cij­fers blijkt dat het werkt. Volgens Tufekci is onze online omgeving volledig opge­trok­ken uit…

  • Columns

    Willekeur is een neer­waart­se spiraal

    Goed nieuws: maar liefst 37 procent van de Belgen heeft voldoende finan­ci­ë­le kennis en vertoont over het algemeen ver­stan­dig finan­ci­eel gedrag. Daarmee zit België boven het Europese gemid­del­de, dat is een applaus waard. Het slechte nieuws is dat ruim ­zeven miljoen Belgen óf weinig van geldzaken begrijpen, óf onvol­doen­de finan­ci­eel bewust­zijn aan de dag leggen, óf te weinig anti­ci­pe­ren op de toekomst. Bij 5 procent van de bevolking is het een com­bi­na­tie van die factoren, dat zijn de ‘finan­ci­eel anal­fa­be­ten’ (DS 12 maart). Bij tijd en wijle hoor ik ook bij die groep anal­fa­be­ten. Want hoewel ik als hoog­op­ge­lei­de redelijk serieus met mijn geld omga, ben ik vaak radeloos als ik probeer chocola te maken van mijn reke­nin­gen, als ik de duistere regels van het zelf­stan­di­gen­be­staan wil door­gron­den of als ik nadenk over hoe ik mens‐, dier‐ en mili­eu­vrien­de­lijk kan con­su­me­ren en toch een zekere spaar­zaam­heid kan betrach­ten. Ondanks mijn harde werk is mijn inkomen slechts een krets hoger dan de armoe­de­grens, maar ik kom wel rond, op het nippertje. Het zou goed zijn als ik mijn situatie zou kunnen ver­be­te­ren, of als ik me beter zou voor­be­rei­den op slechtere tijden, maar het is twij­fel­ach­tig of me dat zal lukken. Ik maak…

  • Stukjes in het wild

    Ineens was het vakantie

    Mijn vakantie blijkt toch meer vakantie te zijn zonder 40 dagen bloggen. Dat spijt me nau­we­lijks. Als ik weer boven water ben zal ik eens nadenken of ik die laatste tien dagen nog zal vol­bren­gen. Tot dan!

  • Over journalistiek,  Stukjes in het wild

    Een krant kan het nooit goed doen

    Op Twitter stelde Maarten Jan mij een vraag. Ik ken Maarten Jan niet, maar in zijn bio staat ‘zegt weinig, vraagt veel’ en dat vind ik een mooi uit­gangs­punt. Dus hier een serieus antwoord op zijn vraag. ‘Als ik een artikel in de krant zie over een onderwerp waar ik veel vanaf weet (bij­voor­beeld gaming), is het altijd rampzalig slecht. Geldt dit ook voor andere onder­wer­pen en hoe komt dit?’ Laat ik beginnen met te zeggen dat de vraag te groot is om te beant­woor­den, want wat is slecht? Welk aspect vind je slecht? De invals­hoek? De vergaarde infor­ma­tie? De selectie? De schrijf­stijl? Hoe bepaal je of je niet te veel verwacht? Welke media heb je gecon­su­meerd voor je die mening had? In hoeverre had je andere media moeten raad­ple­gen? En als het artikel voor jou niet de juiste aanpak of inhoud had, zou het voor een ander wel de juiste aanpak of inhoud kunnen hebben? Oftewel: behoor je tot de doelgroep? Vragen, vragen, vragen die je eigenlijk allemaal eerst nauwgezet zou moeten langs­lo­pen voor je een gedegen antwoord kunt geven. Dus alles wat ik antwoord, zal geheid een nieuwe vraag oproepen en elke analyse geeft slechts een fractie weer…

  • Columns

    Digitale tolweg

    Wie het internet vandaag nog ‘de digitale snelweg noemt’, verraadt zijn leeftijd. Deze metafoor uit de tijd dat we cyber­t­ech­no­lo­gie alleen konden bevatten als we het ver­ge­le­ken met een plak asfalt, is een zachte dood gestorven. Inmiddels heeft de dimensie van enen en nullen, hoe ongrijp­baar ook, geen metafoor meer nodig om waar­ach­tig te zijn. Toch zouden we er goed aan doen de toe­gangs­weg tot mensen en infor­ma­tie­bron­nen wat vaker te ver­ge­lij­ken met een openbare weg. Want er is steeds vaker geen andere route dan de digitale om infor­ma­tie te vergaren of in contact te blijven met mensen. Zelfs overheden dwingen ons geregeld om via een digitaal middel op de hoogte te blijven van hun wel en wee. Het internet is niet alleen ver­ge­lijk­baar met een asfaltweg, het heeft in veel gevallen de weg vervangen. Tot zover is er niet veel aan de hand. In plaats van mensen te ontmoeten en infor­ma­tie te halen in een gebouw verderop, wenden we ons tot een website waarop we duiding en contacten vinden, en de meesten van ons vinden dat heel handig. Het is veel sneller, er is meer aanbod en de con­nec­ties en infor­ma­tie zijn beter toe­gan­ke­lijk voor mensen die fysiek, mentaal,…

  • Stukjes in het wild

    De geur van buiten

    We moeten het eens hebben over de geur van buiten. Een zoetzure stoflucht die om mensen en dieren hangt die net van buiten komen. De geur van buiten is het best te ruiken als je zelf niét net van buiten komt, en de geur van buiten is om die reden ook een geur die je vooral bij anderen ruikt en minder bij jezelf. Hoewel deze meneer de ver­kla­ring zoekt in geosmine, een chemische ver­bin­ding die wordt aan­ge­maakt door bacteriën en die onder meer leidt tot de geur die je na regen kunt ruiken (genaamd ‘petrichor’) denk ik dat de geur van buiten niet dezelfde geur is als de geur na regen. Hoewel ik niet uitsluit dat de geur van buiten een voor‐ of nastadium is van die regengeur. Ik hou niet van de geur van buiten. Sterker: ik vind de geur van buiten vies. Het is me te weeïg en te robuust. Ik herinner me dat ik dat als kind een van de ver­ve­lend­ste aspecten vond van iemand gedag zoenen: die geur van buiten. Onlangs rook Wannes naar buiten en ik trok een wat vies gezicht. Hij keek me verbaasd aan en ik zei dat hij te veel naar buiten…

  • Stukjes in het wild

    Ble­ke­to­ma­ten­in­to­le­ran­tie

    Dat zachte zanderige vlees. Te koud, te nat, te wak, te smaakloos. Het velletje te taai, te veel contrast met het vrucht­vlees. Je proeft de koel­kas­ten tussen hier en Spanje, de lief­de­loos­heid van de groot­grut­ter en de snelheid waarmee de plant het water uit de grond tussen dat vel heeft gepompt. Op de School voor Jour­na­lis­tiek volgde ik het keuzevak De Tomaat, over de ver­hou­din­gen tussen Nederland en Duitsland. De naam van het vak was afgeleid van een han­dels­ak­ke­fiet­je in 1992 waarbij Neder­land­se tomaten in Duitsland door de beroerde kwaliteit tot Was­ser­bom­be werden omgedoopt. We wisten toen nog niet hoe erg het 25 jaar later zou zijn. Zo erg dat ik mijzelf bij elk broodje buiten de deur terugvind met twee vingers in mijn beleg in een poging die koude rode flubbers ertus­sen­uit te halen. In het vliegtuig, in de trein, in het café, op het station, net zolang frie­me­lend tot al die witmelige vle­zig­heid weg is. En dan te bedenken dat ik niets liever eet dan een broodje met tomaat. Zo jammer. • Ik doe mee aan 40 dagen bloggen. Dit is dag 24.

  • Maartje in de media

    Maartje bij De Wereld Vandaag over Vrou­wen­dag

    In het radio­pro­gram­ma De Wereld Vandaag op Radio 1 blikte ik afgelopen donderdag terug op Inter­na­ti­o­na­le Vrou­wen­dag. Het interview dat ik aan De Standaard gaf, kwam ook ter sprake. • Ik doe mee aan 40 dagen bloggen. Dit is dag 23.

  • Columns

    Het venijn zit in het brein

    ‘Heb je al gereset?’ ‘Ja, natuur­lijk. Waarom doe je alsof ik dat zelf niet kan bedenken?’ ‘Ik doe niet alsof je het zelf niet kan bedenken, ik vraag het gewoon.’ Deze con­ver­sa­tie voeren mijn man en ik met enige regelmaat wanneer ik met een technisch probleem kamp en hij checkt of ik de meest voor de hand liggende oplos­sin­gen al heb gepro­beerd. Zelf maak ik me ook schuldig aan ongegrond wan­trou­wen. ‘Denk je er wel aan eerst het bed af te halen en dan pas te stof­zui­gen? En heb je de juiste maat vuil­nis­zak­ken bij je? Je kunt voor een pompoen trouwens beter de dun­schil­ler gebruiken.’ Dit soort dingen zeg ik vaker dan me lief is en ik kan mezelf niet uitstaan als ik me op die manier met hem bemoei. Want ik weet dat hij een ijverige poetser is en hij weet dat ik technisch mijn mannetje sta en toch zetten we elkaar weg als sukkels. Niet omdat we een relatie hebben waarin we elkaar met argwaan bejegenen, inte­gen­deel, we zijn nogal liefdevol in de omgang, maar omdat we opgroei­den in een tijd waarin vrouwen op keu­ken­trap­jes de ramen lapten en mannen slechts bij­droe­gen door het betref­fen­de keu­ken­trap­je uit…