De Niet Lief Collectie: Zezunja als Zomergast

Dit stukje verscheen op 14 juni 2007 op nietlief.com. Polle zwengelde het aan met de volgend inleiding:
“Ik bijt het spits af in de zomer­gas­ten­reeks. We hebben afge­spro­ken maximaal vijf frag­men­ten uit te kiezen. Geen gemak­ke­lij­ke opgave, toch een poging. Zet de olijven, het stokbrood en de pesto op tafel. Ontkurk de wijn. Kijk en geniet mee.”

Weet u wat lastig is? Dit. Dit is lastig. Frag­men­ten verzinnen met een gaten­kaas­ge­heu­gen en een slui­me­ren­de tv‐verslaving. Er is zoveel moois en tege­lij­ker­tijd is mijn harde schijf van tv‐momenten kor­zako­vach­tig leeg. Ik had graag gehad dat de redacteur van Zomer­gas­ten bij me langs was gekomen. Met een lijst, zoals ze dat naar verluidt bij de echte Zomer­gas­ten doen. Een lijst met wat er zoal te zien was toen je jong was, met sug­ges­ties en frag­men­ten die aan­slui­ten bij je werk of je hobby’s, met spec­ta­cu­lai­re, spraak­ma­ken­de tv‐fragmenten die niemand ooit zal vergeten. Maar nee, er kwam niemand langs met een lijst.

Geen mietje
Dus ik heb mijzelf geen mietje genoemd en ben wat gaan verzinnen. Het eerste dat ik bedacht toen ik mijzelf geen mietje noemde, was J.J. De Bom voorheen De Kin­der­vriend. Ik was fan. Maar helaas was daar niets van te vinden in de you­tu­be­win­kel. Domper.

Zodoende ben ik door­ge­zapt naar toen ik al tien was. Een hele meid. Met tien­tal­len Doe Maar­pos­ters boven mijn bed. Met Doe Maar­zweet­band­jes, -zon­ne­klep­pen, -buttons, -tasjes, -plak­boe­ken en wat dies meer zij. Ik wachtte al sinds mijn zevende tot het moment dat ik oud genoeg was dat ik naar een concert van ze mocht. Groot was dan ook mijn verdriet toen ze ermee ophielden nog voor ik de wet­te­lij­ke leeftijd van Doe Maar­con­cer­ten mogen bezoeken had bereikt. Op de dag dat het afscheids­con­cert werd uit­ge­zon­den, moest ik naar een fami­lie­feest en ik herinner me dat ik mijn vader eindeloos aan zijn kop heb gezeurd om een videoband van vier uur om het op te nemen. Want op een twee‐uursband zou het niet passen.

Good ol’ Diewertje Blok
In die ver­ma­le­dij­de you­tu­be­win­kel was ook geen fragment van het concert te vinden, maar wel een interview van good ol’ Dieu­wer­tje Blok met de heren, vlak voordat ze het podium opgingen. Het slechtste interview uit de tv‐geschiedenis wel­te­ver­staan. Maar goed. Nostalgie boven alles.


Mijn tweede fragment is een stukje uit een interview dat Jeremy Paxman van de BBC had met voormalig minister Michael Howard. Ik hou van inter­views, ik hou van praatprogramma’s en ik hou van geneuzel. U begrijpt: ik kan mijn lol niet op met de heden­daag­se tv‐cultuur. Dit fragment heb ik jaren getoond in de lessen Interview die ik gaf. Omdat het zo mooi duidelijk maakt wat door­vra­gen eigenlijk is. Omdat het zo mooi duidelijk maakt wat door­vra­gen kan doen met een gesprek. En omdat het zo mooi duidelijk maakt hoe gezags­dra­gers rond de pot kunnen draaien.

En dan, tatata­taaaaa, mijn lie­ve­lings­se­ries. Eerst dacht ik: hmz, beetje flauw om twee actuele series te nemen, maar als ik denk aan wat ik écht, écht mooi vind, dan kom ik altijd hierop. Altijd.
Eerst Six Feet Under. Prachtvol. Won­der­schoon. Jarenlang ben ik er langs­ge­zapt zonder het een blik waardig te keuren, maar toen de dvd‐box voor­han­den was, was het gebeurd. Ik was verkocht. Ik hield van de familie Fisher als geen ander. De schoon­heid van ellende. De tragiek van taboes. De lyriek van de leugen. En huilen toen het afgelopen was.

En dan The Soprano’s. Waarom The Soprano’s zo’n waan­zin­ni­ge serie is? Het is een straat­schof­fies­soap met de diepgang van Plato. Het is poëzie van het fuck this fuck that-kaliber (zie de quotes in de imdb). Het is comedy met karak­ter­ont­wik­ke­lin­gen zoals je zelf zou willen ont­wik­ke­len: geloof­waar­dig, stoer en ont­roe­rend. Het is gewoon fucking cool.

Als film kon ik kiezen uit duizend dingen. Films van heel vroeger, zoals De Red­der­tjes en The Dark Crystal. Of uit de tijd dat films echt veel impact hadden: toen ik tiener was en verliefd op Rob Lowe. Of iets later toen ik Betty Blue twintig keer zag in de Amster­dam­se bioscoop Kriterion. Maar ik koos een film van de laatste jaren. Magnolia. Omdat ik de hele film hart­ver­scheu­rend mooi vind.

Reageer

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.