Wat een dag

Foto: Vézelay, 1991

1. Ooit besloot ik dat ik me altijd zou laten interviewen als iemand een verzoek deed, want als wij journalisten al geen interviews meer willen geven, wie moet het dan wel doen? Ik had twee voorwaarden: 1. de vragen moeten gaan over iets waarvan ik zelf vind dat ik deskundig genoeg ben 2. door een afschrikwekkende ervaring met een televisieprogramma in het verleden hoef ik nooit mee te werken aan persoonlijke interviews. Over zielenroerselen doe ik alleen nog met eigen pen verslag.
Dus ik gaf van de week een interview: ‘Vrouwendag beste dag om géén complimentjes uit te delen’

2. Ik stopte in 2000 voor het eerst met roken, sindsdien rook ik af en aan wel en niet. Toch is er weinig veranderd sinds ik dertig jaar geleden begon met roken: ik ben ook als ik niet rook nog steeds verslaafd. Vandaag stop ik weer en gek genoeg heb ik er zin in. Dat lijkt me een valkuil.

3. Synesthesie was in het nieuws. Als synesthesie in het nieuws is, stroomt mijn mailbox altijd vol met media die mij willen interviewen. Omdat het vaak tv-programma’s zijn en ik wat cameraschuw ben, werk ik meestal alleen achter de schermen mee. Ik help ze aan meer informatie en geef tips over interessante aspecten.
Ook voor synesthesie geldt: ik schrijf er liever zelf over. Mocht iemand een artikel willen: mail me.
Mijn eerdere stukjes:
Synesthesie is een gelig woord
Synesthesie is een gelig woord (2)
Een dag uit het leven van een synestheet
Hoe ziet jouw pijn eruit?
Hoe ziet uw ik eruit?

4. Ik wilde een langer stukje schrijven, maar ik ga nu een app luisteren die mij van het roken af zal helpen. Ik weet wat de app gaat zeggen en ik weet wat me te doen staat. Ook dat lijkt me een valkuil.

• Er wordt veertig dagen geblogd in blogland, dit is dag 21.